In het zgn. register van de 50e penning van verkopingen en collaterale successiën staat bij 31 oktober 1735:
Heeft burgemeester Frederik Bloemers en Jennegien Bloemers bekent gemaekt dat sij op den 3 deser maant van de heeren van de geestelijkheid der stad Zwolle hadden aengekoft de plaetse Warmink tot Reese voor f. 1550,-

Het vrijwillig rechterlijk archief van ’t Schoutambt Hardenberg bevat deze akte, gedateerd 12 januari 1751:
Ik Alb. van Riemsdijk, wegens hoog overigheid in der tijd verwalter scholtus van den Hardenberg, Heemse en Gramsbergen, doe hiermede bij indispositie en absentie van de heer scholtus Arnold Voltelen, te weten hoe geroepen ben ten huise van Gerrit Wermink alhier tot Rese, en aldaer op heden gekomen sijnde, so vond desselfs oom Arent Wermink, na den lichame siek en te bedde liggende, dog sijn verstand en oordeel vollenkomen, ten minsten in so verre men uiterlijk kon bemerken hebbende, so heeft hij Arent Wermink, voor mij verwalter scholtus voornoemd, en ceurnoten als waren Hendrik Timmerman en Hendrik Weelink, versogt, na dat hij comparant in overweginge hadde genomen de sekerheid des doods en de onsekere uire van dien, om voor desen edelen gerigte, bij desen te willen maken en oprigten, sijn enige vrije onbedwongene testamentaire dispositie, over die goederen aen hem comparant door God genadelijk verleend, en met de dood koomt na te laten, nadat hij comparant dan eerst sijne ziele heeft bevolen in de genadige en barmhertige hand des Heren, en sijn lighaem ter eerlijke begraffenisse, na staete gelegendheid, so treed hij dan tot sijne dispositie, over sijne als dan na te latene goederen.

Voor eerst so nomineerd en institueerd hij testateur sijne nigte Trijne en desselfs eheman Gerrit Wermink, tot sijn universele erfgenaem, voor haer beide tijd des levens, en na dode van dien is hij comparante of testateur sijn wille en begeerte dat als dan die goederen van hem heergekomen, sullen in vollen eigendom vererven en versterven op Aeltien Jansen en derselver erfgenamen.Alle het voorschreven den testateur duidelijk sijnde voorgelesen of dit so niet was sijn enige vrije onbedwongene uiterste wille, so heeft hij testateur hierop geantwoord van ‘Ja’, willende en begerende dat alle het voorschreven effect moge sorteren, het sij als testament, codicille of andere uiterste wille, onder de levende, so sulks best sal kunnen of mogen bestaen, ofschoon alle solemniteiten in regte nodig hier in niet mogten sijn geopserveerd. In waerheids oirconde en sonder erg of list, hebbe ik verwalter scholtus voornoemt, met mijn klein zegel dese gezegeld en neffens de comparant getekend, en omdat hij comparant geen siggenet is hebbende, heeft hij mij versogt om mede dese voor hem te zegelen.Actum Reese, den 12 januarij 1751.

Het vrijwillig rechterlijk archief van ’t Schoutambt Hardenberg bevat deze akte, gedateerd 19 december 1808:
Ik J.G. Pruim, Scholtus des Kerspels Hardenbergh, cum annexis, doe kond en certificeere: dat voor mij en keurnooten, die waren proc. J. Soeters en M. Bruins, persoonlijk in den Gerichte gecompareerd is, Wibbechien Richterink, voor zich en als weduwe en boedelhoudersche van haaren wijlen man Egbert Warmink, onder adsistentie van Gerrit Sierink, als haaren verzochten en geadmitteerden mombaar; mitsgaders derzelver schoon-zoon Jan Hendrik Koerts en deszelvs huisvrouwe Aaltjen Warmink, tutore marito. Verklaarende zij comparanten, voor de summa van 921 guldens en eenen stuiver, die aan hun ten genoegen zijn voldaan en betaald, bij dezen in de meestbundigste forma Landrechtens te cederen, te transporteren en in vollen eigendom over te dragen aan Jan Everts en deszelvs huisvrouwe te Reeze, het eerste en elfde parceel der door hun comparanten op den 26 april l.l. bij publijcque veilinge verkochte vaste goederen van ’t erve Warmink te Reeze, bestaande in het woonhuis en schaapenschot, den goorden, den Keurenberg, met een kwart van een volle whaare in de Reezer-markte.

In het notarieel archief van Hardenberg bevindt zich deze akte, gedateerd 24 december 1816:
Voor ons Antoni van Riemsdijk, openbaar notaris, resideerende ter Steede Hardenbergh, gemeente en kanton van dien naam, arrondissement Deventer, provincie Overijssel, in tegenwoordigheid van Harm Thijs van ´t Holt, landbouwer, en van Jan Hendrik Edelijn, deurwaarder bij het Vredegerecht deezes kantons, beide woonende ter zelfder steede, als hiertoe expresselijk verzochtte getuigen, compareerde Jan Warmink, landbouwer, woonende in de buurtschap Rheeze in deeze gemeente, zijnde aan ons notaris bekendt. Dewelke Jan Warmink bij deeze tegenswoordige acte verklaard te hebben verkogt, afgestaan en mitsdien over te draagen voor eene dadelijk te betaalene somma van zeshonderd vijf en twintigh guldens, aan Harmen Timmerman, insgelijks landbouwer meede in voorschreeven buurtschap woonende en die alhier tegenswoordig, deeze is accepteerende, zijn eigendommelijk erfjen het Warmink, bestaande in een woonhuis, onder nr. 18 in de buurtschap Rheeze voorschreeven, met den daarom geleegenen gaarden, groot drie schepel lands, en den zogenaamden Beltkamp aldaar, groot drie mudde zaaijland, leggende in zijne eigene afvreedinge ten westen het gemeene veld en ten oosten de Rheezer Zandbelten, mitsgaders een vierde whaardeel in de gemeene markte van Rheeze en een begraafplaats op het kerkhof te Heemse.

De verkoper, Jan Warmink, was getrouwd met Jennegien Jansen. Op 13 april 1813 hadden zij, wonend in huisnr. 18, een dochtertje gekregen dat – volgens de overlijdensakte – slechts een half uur had geleefd. Het was hun jongste en negende kind.

Bij de aanvang van het kadaster, anno 1832, werd het erve Warmink geregistreerd als sectie K-571 op legger 360 ten name van Harmen Timmerman of zijn erfgenamen.

Fragment van oorspronkelijke minuutkaart, anno 1832.

Legger 360/14: Sectie K-571. Huis en erf. Eigendom van de erfgenamen van Hermen Timmerman. Hij was op 16 augustus 1788 te Heemse getrouwd met Zwaantje Scholten. Hij overleed op 18 september 1832 te Rheeze. Zijn vrouw stierf op 27 juli 1842 aldaar. Daarna ging ’t erf over in handen van zoon Hendrik Timmerman en echtgenote Hendrikjen Hannink. Zij waren op 5 mei 1820 getrouwd te Heemse. In 1860 verkoop. Over op:
Legger 1833/9: Eigendom van zoon Gerrit Jan Timmerman en Diena Scholten. Zij zijn op 23 juni 1854 getrouwd te Heemse. Huisnr. G-8. Huis, erf, twee schuren, stookhut en varkenshok. Gerrit Jan Timmerman overleed op 23 september 1861, waarna zijn weduwe op 17 juni 1864 te Heemse hertrouwde met Willem Snel uit Bergentheim.

Op 1 mei 1877 verleed notaris J.G. Troost te Heemse een hypotheekakte op verzoek van Willem Snel en echtgenote Dina Scholten (eerder gehuwd met Gerrit Jan Timmerman). Zij verklaarden 2000 gulden schuldig te zijn aan grondeigenaar Jan Santman Dzn. te stad Hardenberg. Als onderpand voor de lening en de daarover verschuldigde rente verbonden ze hun onverdeelde helft in drie huizen en erven met twee schuren, met bouwland, hooiland, weiland, grasgrond, hakhout, tuin, heide- en veengrond, waaronder sectie K-571 (aktenr. 746).

In 1877 bijbouw. Over op:

Kadastrale hulpkaart, anno 1877.

Legger 1833/39: Nieuwe sectie K-1554. Huis, erf, schuren enz.

Op 4 oktober 1877 vond op ’t erve Warmink een openbare verkoop plaats van eenig vee en roerend goed, op verzoek van landbouwer Gerrit Jan Overweg (aktenr. 815).

Op 10 september 1880 verleed notaris G. de Meyier te Heemse een akte van boedelscheiding tussen:
1. Harm Scholten, landbouwer te Rheeze, echtgenoot van Hermina Timmerman
2. Harm Lamberink, landbouwer te Rheeze, echtgenoot van Hendrikje Timmerman
3. Harm Snijders, landbouwer te Radewijk
4. Dina Scholten, vroeger weduwe van Gerrit Jan Timmerman, echtgenoot van Willem Snel te Rheeze.
Zij gaven te kennen dat te Rheeze hebben gewoond en zijn overleden de echtelieden Hendrik Timmerman en Hendrikje Hannink. Dat door beiden een testament is gemaakt bij akte d.d. 17 februari 1859 voor notaris Van der Muelen. Aan de nog minderjarige Hendrik Timmerman (zoon van Gerrit Jan Timmerman en Dina Scholten) werd het onverdeeld een-derde deel van ’t Warmink toebedeeld (aktenr. 318).

Legger 4092/25: Eigendom van de minderjarige Hendrik Timmerman (voor 2/3e) en Diena Snel-Scholten (voor 1/3e). In 1884 boedelscheiding. Over op:
Legger 4093/46: Eigendom van Hendrik Timmerman. Hij trouwde op 23 april 1885 te Heemse met Hendrikje Veurink. In 1904 sloop. Over op:
Legger 4093/51: Schuur en erf. In 1905 sloop. Over op:

Kadastrale hulpkaart, anno 1905. De oude boerderij van ’t Warmink is verdwenen…

Legger 4093/52: Sectie K-1715. Schuur, bouwland en grasgrond. In 1922 successie. Over op:
Legger 8727/33: Eigendom van Hendrik Jan Evert Waterink, Gerrit Jan Timmerman, Gerrit Timmerman, Lubbertus Waterink en Harm Lamberink. In 1927 boedelscheiding. Over op:
Legger 9401/33: Eigendom van Gerrit Timmerman, landbouwer te Rheeze G-16. In 1943 vereniging van percelen (samengevoegd met ’t erve Wilms).