Zwolse Regesten, Regest 0313
1389-12-03
Keulen, Datum Colonie in hospitio habitationis nostre sito infra emunitatem ecclesie sanctorumapostolorum Coloniensis --- sub anno nativitatis domini millesimo trecentesimo octuagesimo nono, die tertia mensis decembris.
Theodericus, deken van de kerk sanctorum apostolorum Coloniensis, rechter en beschermer van de privileges van de deken, kanunniken en het kapittel van de kerk sancti Lebuini Daventriensis in het bisdom Traiectensis, verklaart, daartoe speciaal door de paus gemachtigd, tegenover Florentius (van Wevelinckhoven), bisschop Traiectensis, en de pastoors van de parochiekerken in Daventria, Campensis, Swollis, Hasselt, Ghenemuden, Wije, Raelte, Ummenen en Nyenstede, dat hij, aangezien Florens (van Wevelinkhoven), bisschop Traiectensis, als scheidsrechter in het geschil, ontstaan tussen de deken en het kapittel van de kerk Daventriensis enerzijds en Egbertus de Gramsberghe, knape, anderzijds over zekere novale tienden in de parochie Nyenstede en Gramsberghe en omgeving in tegenwoordigheid van de officiaal, de proost en de aartsdiaken van de kerk sancti Lebuini Daventriensis het volgende:
1. op straffe van betaling van 100 goudguldens, voor de ene helft bestemd om missen van te houden en voor de andere helft voor de armen bestemd, zullen, overeenkomstig de akte in 't iaer ons heren dusent dryehondert acht ende tachtentich des seventyenden dages in augusto (d. d. 17 augustus 1388) alle novale tienden in het kerspel van Nyensteden aan de deken en het kapittel van de kerk van Deventer toekomen;
2. aangezien alle novale tienden in de vrijheid van Gramsberghe, Berghenreholt tussen de Scheen, Holtheem en het huis te Gramsberghe langs de Vechte gelegen, blijkens de privileges aan de deken en het kapittel van de kerk van Deventer toebehoren, maar Egbertus de Gramsberghe deze tienden toch wederrechtelijk in zijn bezit houdt, legt hij Egbertus de Gramsberghe op deze novale tienden op straffe van 200 goudguldens, waarvan de ene helft bestemd is voor de armen en de andere helft voor de bouw van de kerk Coloniensis ten behoeve van de deken en het kapittel van de kerk Daventriensis te ontruimen;
3. hij machtigt de wereldlijke overheden Egbertus de Gramsberghe te arresteren voor het geval hij hier ook na twintig dagen nog geen gevolg aan zou geven en hem deze regeling met geweld op te leggen.