Klooster Galilea Maior te Sibculo, Toeg. 0185.1, regest 034
1420-09-13
Johan van Rechter, schulte toe den Hardenberge, verklaart dat Herman van den Bruggenberghe en Ghijsele zijne vrouw verkocht hebben aan Herman Rechter en Jutte zijne vrouw als edel eigen goed, hun land en hooiland gelegen in het kerspel Hardenberg, in de buurschap te Colendoern, zooals dat vroeger toebehoorde aan Rutgher van Yunne.
Gerichteslude: Lephard van Bergenthem en Boele van Vilsteren.
Ghegeven int jaer ons Heren duysent vierhondert ende twintich op des heilighen Grucis avend exaltatio.

Tijdrekenkundig Register Overijssel, deel II, blz. 251
1420-09-13
Avond van Kruisverheffing
Johan van Rechter, schulte toe den Hardenberge, verklaart dat Herman van den Bruggenberghe en Ghijsele zijne vrouw verkocht hebben aan Herman Rechter en Jutte zijne vrouw als edel eigen goed, hun land en hooiland gelegen in het kerspel Hardenberg, in de buurschap te Colendoern, zooals dat vroeger toebehoorde aan wijlen Rutgher van Yunne. Gerichteslude: Lephard van Bergenthem en Boele van Vilsteren. Ghegeven int jaer ons Heren duysent vierhondert ende twintich, op des heilighen Grucis avend exaltatio. Met de nog gave zegels van Rechter en Buggenberge in bruine was. Het wapen echter van Johan van rechter, niet het kruis der van Rechterens, maar de drie daksparren van Voerst.