Klooster St. Anthonius te Albergen

Toegang 0186, regest 240
(bron: HCO)

1449-06-09
Johan van Gravestorpe bekent aan prior en convent te Alberghen zestien Rijnse guldens schuldig te zijn, waarvan hij er jaarlijks met kerstmis drie terug zal betalen, die bij gebreke daarvan uitgewonnen kunnen worden uit zijn erven Zalmeling te Emmenichen en Mersching te Hardenbergh. (op den dach Primi et Feliciani der hiligher mertelers)

 


Tijdrekenkundig register op het oud provinciaal archief van Overijssel

deel III, blz. 78, no.3.
1449-06-09

1449 Primi et Feliciani. Albergen
Johan van Gravestorpe, bekent sehuldig te zijn den Prior en het Regulieren klooster te Albergen, zestien goede goudene Rhijnsche guldens, op welke hij elke midwinter drie afdoen zal. Schiet hij hierin te kort, dan mag dat geld worden uitgemaand uit zijne erven Zalmeling onder het kerspel van Emeninchem, Mersching onder dat van Hardenberg, en voorts uit al zijne bezittingen, met geestelijk en wereldlijk regt, gelijk Heeren pacht.
In het Nederduitseh. Van het zegel bijna niets meer overig.
In het vak van 1446 - 1450 van kast No. 1 op kamer A.