Villa Eikenoord en haar bewoners

-een toekomstig monument-

 

Erwin Wolbink (verschenen in Rondom den Herdenbergh 2002 19-3)


De gemeente Hardenberg zal binnen afzienbare tijd een aantal monumenten rijker zijn. Momenteel wordt de laatste hand gelegd aan de gemeentelijke monumentenlijst voor het grondgebied van de voormalige gemeente Hardenberg. Hierop staat ook het pand dat bij velen bekend is als 'Villa Eikenoord', aan de Dedemsvaartseweg-Noord 46 in Lutten. De villa is architectuur-historisch waardevol als een gaaf bewaard voorbeeld van een midden-negentiende eeuws monumentaal pand met een symmetrische en heldere opbouw in plattegrond en gevel, en bescheiden decoratieschema. Het pand heeft cultuurhistorische en landschappelijke waarde vanwege de oorspronkelijke functie en situering aan de voormalige Dedemsvaart.

 


Ansichtkaart, anno 1905

De stichting van Eikenoord

Aanvankelijk werd bij de inventarisatie van de panden - die in aanmerking komen als gemeentelijk monument - deze vervenerswoning gedateerd aan het begin van de twintigste eeuw, zo rond 1910.
Uit archiefonderzoek bleek echter dat de woning bijna een halve eeuw ouder is. Reeds in 1869 werd de woning gebouwd - ter vervanging van een andere op dezelfde plek - door de eigenaar Carel Piek.
Deze vervenersbaas had vele bezittingen in de gemeente Ambt Hardenberg. Even voor de herbouw van het pand kreeg Carel door boedelscheiding de bezittingen van zijn vader in onze gemeente 'op naam'.


Het echtpaar Piek met dochter Aleida Margaretha, circa 1903

Carels beroep was volgens het kadaster 'oeconoom' (handelswetenschapper). Carel Piek was op 5 september 1834 geboren in het Zuid-Hollandse Oudshoorn, als zoon van Stephanus Piek en Gesiena Wesseling. In 1869 was hij te Noordwijk gehuwd met Johanna Cecilia Annette Jongkindt Coninck en na haar overlijden hertrouwde hij in 1889 te Rotterdam met Johanna Charlotte Wilhelmina Pluygers. Op 3 oktober 1891 werd te villa Eikenoord hun enige dochter, Aleida Margaretha geboren.

Na zijn lidmaatschap van de gemeenteraad van Ambt Hardenberg, was Carel Piek van 1884 tot 1901 lid van de provinciale staten van Overijssel; zelfs bracht hij het tot de eerste uit de gemeente Ambt Hardenberg afkomstige gedeputeerde. Hij overleed op 28 augustus 1910 in 's-Gravenhage.


op 18 juli 1883 nam Carel Piek zijn benoeming tot lid
van de gemeenteraad van Ambt Hardenberg aan

Het gezin Piek bewoonde de villa, destijds bekend als huisnummer P-44 (later P-29) tot 28 april 1904, toen ze vertrok naar
's-Gravenhage. Hierna verhuurden zij hun villa aan de heer Jan Prins van Wijngaarden, directeur van een der grootste baggermaatschappijen van ons land. Deze was afkomstig uit Sliedrecht en had een groot karwei onder handen, namelijk de kanalisatie van de Vecht. In die dagen was hij de eerste in onze streek die een echte auto bezat. Hij liet zijn 'Renault' uit 1913 besturen door Derk Jan van Faassen. Zo reden ze langs de waterwegen om de werkzaamheden gade te slaan. Later werd een 'Berliet' de auto waarin vele kilometers werden afgelegd. Op 2 november 1915 verhuisde het gezin Prins van Wijngaarden naar de gemeente Hattem.


Het echtpaar Prins van Wijngaarden, van 1904 tot 1915 bewoners van Villa Eikenoord

de Renault (16 p.k.) uit 1913

Derk Jan van Faassen werkte eerst als chauffeur voor Prins van Wijngaarden, later als tuinier van de bewoners vanVilla Eikenoord

de Berliet (10 p.k.), anno 1914

 

In datzelfde jaar 1915 verkocht de familie Piek 'Villa Eikenoord', ofwel huisnr. P-39, aan de heer Johan Gerhard Meijer uit Apeldoorn. Samen met zijn vrouw Riemke Rozema bewoonde hij het pand tot 23 april 1917, de dag waarop zij verhuisden naar Dantumawoude. Ze hadden hun villa verkocht aan Aris Pieter Willem Kraan, gemeentesecretaris te Hoogkerk, welke de woning een jaar daarna reeds van de hand deed.
De nieuwe eigenaar is dan de - in onze streken - zeer bekende persoon van Eppo Mulder, directeur van de aardappelmeelfabriek 'De Baanbreker' in Lutten. Na het vertrek van Meijer werd de woning van 2 november 1917 tot 22 april 1920 bewoond door het echtpaar Gerrit Zandbergen en Gezina Altena uit Avereest. Gerrit was werkzaam als arbeider bij 'De Baanbreker'.

Eikenoord wordt dokterswoning

Uit het archief van de gemeente Ambt Hardenberg blijkt vervolgens dat in augustus 1921 het verkoopcontract werd getekend, waarbij 'Eikenoord' door Eppo Mulder verkocht werd aan de gemeente Ambt Hardenberg (burgemeester Hermann Heinrich Weitkamp en gemeentesecretaris Bauke Alberts Schuite), ter uitvoering van een raadsbesluit van 12 april 1921. De prijs bedroeg f. 7500,- De woning werd verhuurd aan de geneesheren die in dienst waren van de gemeente.

De eerste dokter die Eikenoord bewoonde was Daniël Jacobus Griffijn, geboren op 9 oktober 1871 in Rotterdam als zoon van landmeter Evert Jan Grijffijn en echtgenote Jacoba van Uye. Sinds 1901 was Griffijn werkzaam in de gemeente Ambt Hardenberg. Bij raadsbesluit van 8 december 1922 werd Eikenoord aan hem verhuurd, voor een huursom van f. 816,- per jaar. Hij huurde zeven jaren en verliet de gemeente op 21 mei 1930, om zich als gepensioneerde te vestigen in de gemeente Zeist. Dokter Griffijn overleed, ongehuwd, op 12 mei 1940 aan de Platolaan 12.


ansichtkaart vóór 1930; voor de woning waarschijnlijk dokter Griffijn

Kort voor het vertrek van Griffijn was de nieuwe dokter, Hendrik Adriaan Cysouw reeds uit Maastricht naar Lutten gekomen. De dokter was geboren te Nieuwvliet. Samen met zijn vrouw Catharina Maria Risseeuw bewoonde hij de gemeentewoning. Het werkzaam leven van de jonge dokter was van korte duur. Hij overleed als gevolg van een ernstig auto-ongeluk waarbij hij verdronk in de Krimvaart. In het Salland's Volksblad werd verslag gedaan:
'Lutten.
Een ontzettend ongeluk heeft op den avond voor Kerstmis plaats gehad. Terwijl de menschen innerlijk verheugd zich voorbereidden voor de viering van het Kerstfeest, ging in den vooravond de droevige mare door ons dorp en zijn omgeving, dat de geneesheer dr. Hendrik Adriaan Cysouw was verdronken, doordat hij met zijn auto tengevolge van de gladheid in de diepe en steile Krimvaart was gereden. De verslagenheid die zich van zijn plaatsgenooten en patiënten meester maakte, laat zich niet beschrijven. Velen, die nog nimmer met hem in aanraking waren gekomen, die hem slechts aleen van aanzicht kenden, waren evenzeer ontroerd als de patiënten die door den uiterst bekwamen jongen arts werden behandeld. Want in enkele maanden dat dr. Cysouw hier werkzaam was als opvolger van dr. Griffijn, die de praktijk had neergelegd, had hij zich den naam van een zeer bekwaam medicus verworven, terwijl hij als persoon algemeen bemind werd.


rouwadvertentie in 't Salland's Volksblad

Nog slechts ruim een half jaar geleden gepromoveerd - nog slechts een half jaar geleden gehuwd met mej. Riseeuw, ver van zijn woonplaats, van zijn ouders en zuster om het leven gekomen bij de uitoefening van zijn arbeid die de liefde van zijn hart had - het is wel zeer droevig. Toen het ongeluk bekend werd, snelde men van alle kanten toe om hulp te verleenen, maar het baatte niet meer - de artsen van Dedemsvaart, Ruys en Arps, dr. Jagher van De Krim en dr. Griffijn van Zeist, tijdelijk te Hardenberg, konden geen hoop meer geven. Later vernamen we nog, dat de heer Cysouw een zijweg heeft willen inslaan, waarschijnlijk de bocht te groot heeft genomen, waardoor de auto over de gladde tramrails is gegleden en in de Krimvaart terecht kwam, waarbij hij over den kop sloeg. De uit den polder komende tram stopte ter plaatse van het ongeluk en van personeelszijde trachtte men den inzittende van de auto te redden, wat niet gelukte. Daarop reed de tram naar Slagharen, om de aandacht te trekken oorverdoovend fluitend. Met een bokschuit als hulpmiddel gelukte het den dokter uit de auto te bevrijden. Hij had een groote hoofdwonde en andere fracturen. De overledene was 28 jaar oud en is maandag begraven te Zuidzande in Zeeland. De practijk wordt voorloopig waargenomen door een neef van wijlen dr. Cysouw. Moge de Heere de bedroefde familie troosten'.

Op navraag bij de gemeente Oostburg bleek dat het graf van dokter Cysouw reeds jaren geleden was geruimd.

Dokter Gouwe

Op 24 april 1931 verliet weduwe Cysouw-Risseeuw de dokterswoning. Ze vestigde zich in Groede (Zeeland). In het persoonsdossierarchief van de gemeente Hardenberg is het dossier bewaard gebleven van de nieuwe dokter, Willem Frederik Karel Gouwe. Op 4 maart 1931 schrijft hij vanuit Zandvoort:

'Edelachtbare Heeren. Hierbij deel ik U beleefd mede dat ik met mevrouw weduwe Cysouw tot overeenstemming ben gekomen betreffende het overnemen van de geneeskundige praktijk enz. te Lutten. Ik verzoek U daarom in de plaats van wijlen dr. Cysouw benoemd te worden tot gemeentegeneesheer voor het noordelijk gedeelte van de gemeente Ambt Hardenberg, op dezelfde voorwaarden, terwijl ik tevens verzoek de ambtswoning 'Eikenoord' te Lutten, tegen dezelfde huur van de gemeente te mogen huren. Ik hoop op 26 maart definitief te Lutten te komen.'

Bij raadsbesluit van 17 april 1931 werd dokter Gouwe benoemd tot gemeentegeneesheer.


Willem Frederik Karel Gouwe

Willem Frederik Karel (Frits) Gouwe werd op 8 augustus 1898 geboren in Middelburg als oudste van drie kinderen. Na hem volgden nog een zoon en een dochter. Zijn vader, niet sterk, was administrateur van het militair hospitaal. Hij stierf op de eerste verjaardag van zijn dochter in 1906, slechts 34 jaar oud. Frits was toen 7 jaar. De familie woonde inmiddels in Utrecht, waar hij de lagere school volgde. Zoals dat in die tijd ging, werden beide broers na de lagere school voor een goede opvoeding uit huis geplaatst in gezinnen, waar ook een 'vader' was. Dit werd Alkmaar. Hier werd de middelbare school doorlopen en met grote belangstelling en liefde voor de natuur trok hij er ieder vrij moment op uit. Hierdoor leerde hij iedere plant, bloem, boom en vogel kennen. In Utrecht studeerde hij medicijnen en studeerde af in Groningen op 15 juni 1922. Hij trouwde op 22 juli van datzelfde jaar met Johanna Vermeulen en begon te praktiseren in Woerden, waar zoon Hans Erik in 1923 het levenslicht zag. Dochter Elze Frieda kwam in 1925 in Ruinen ter wereld, gevolgd door Agnes in 1926 te Veere. Dit dynamische, avontuurlijke gezin scheepte zich op 4 januari 1927 in om naar Nederlands Indië te gaan, waar vader Frits vier jaren werkte als gouvernementsarts. Eenmaal terug in Nederland, streek de familie in april 1931 neer in Lutten aan de Dedemsvaart, in huize 'Eikenoord'.

logo dikter Gouwe
tekst op receptenbriefje van dokter Gouwe

In 1936 vroeg dokter Gouwe aan het gemeentebestuur om verbeteringen aan zijn woning aan te brengen. Deze ging hier echter niet op in, zodat Gouwe uiteindelijk besloot om een bod te doen op het perceel van f. 5.500,- vrij op naam, 'wat zeker aanzienlijk boven de waarde bij publieke verkoop is, gezien de verwaarloosde toestand waarin het verkeert'.

Overwegende dat de bewuste woning zeer oud is en in een zeer slechte toestand en dat de kosten van de meest noodzakelijke verbeteringen worden geraamd op 1500 tot 2000 gulden, werd het verzoek van dokter Gouwe door de gemeenteraad gehonoreerd. Villa Eikenoord, dan bekend als huisnr. P-35, kadastraal bekend als sectie L nr. 4003, ging voor f. 5.000,- over in handen van dokter Gouwe, ingaand 1 november 1936.


Eikenoord, anno 1931

Dokter Gouwe hechtte zich, met veel ervaring, een brede belangstelling en serieuze liefde voor zijn vak, aan de Luttense gemeenschap, waar hij tot zijn dood zou blijven. Zijn taak was zeer veelzijdig. Hij was niet alleen dokter, maar hij trok ook kiezen en deed zelfs wel eens een kleine operatie. Verder was hij vertrouwensman op maatschappelijk gebied. In Lutten kwamen er nog twee dochters bij; in 1932 Ingeborg Maria en twee jaar later Judith Marlene.


tijdens de mobilisatie in 1939 was dr. Gouwe officier van gezondheid, hier geportretteerd voor 'Eikenoord' met zijn gezin,
vlnr: Agnes, Inge, mevr. Gouwe, Hans met Judith voor zich en Fried, met de twee chow-chows Bonzo en Carlo

Met zijn grote belangstelling voor alles wat de natuur biedt, ging Gouwe zich verdiepen in kruiden en mineralen ten behoeve van de gezonde mens, en in het kweken van gezond voedsel. Hij wist Osiris-graan te bemachtigen en een landbouwer bereid om dit gewas te verbouwen. Vervolgens bakte Klaas Nijhuis het tot brood. Gouwe werd een waar tegenstander van kunstmest, omdat het de bodem zou gaan verontreinigen en verarmen. Zijn stelling luide, 'zoals de bodem is, zal het volk zijn'.

Ook archeologisch en historisch was Frits Gouwe actief. Samen met Klaas Jongsma, Roelof Bakker en dichter Hendrik van Laar richtte hij de Oudheidkamer Hardenberg op. Samen met Van Laar nam hij deel aan een dialectwerkgroep. Na zijn patiëntenbezoek wandelde hij dagelijks voor zijn eigen welzijn, zeker een uur door de omgeving, waarbij dan vaak iets gevonden werd of ontdekt, zoals vuurstenen bijlen in de Pieperij of botten van de oer-os bij de oorsprong van de Reest en stenen werktuigen op de linker Vechtoever ten zuiden van de Rheezerbelten.

Dokter Gouwe was uiterst kundig en hij werd geroemd om zijn zeer goed diagnostisch inzicht; zeker bij de specialisten van de ziekenhuizen. Hij bleef eenvoudig, eiste weinig voor zichzelf, leefde uiterst sober en bleef studeren tot hij zijn ogen sloot. Jammer was het, dat hij een moeilijk karakter had, wat met de jaren verergerde. In de Tweede Wereldoorlog (hij diende ook al in de Eerste Wereldoorlog) kwam er veel TBC voor in zijn grote praktijk, die niet alleen Lutten behelsde, maar ook Drogteropslagen, Linde, Slagharen, Schuinesloot, Keiendorp, Oud-Lutten, Rheeze en Rheezerveen, Sluis 6 en Sluis 7 en niet te vergeten de vele binnenvaartschippers uit het gehele land die voor hem als dokter aanmeerden.

Een verdrietig aantal van hen stierf, waar hij zelf erg onder leed. Talloze kuurtenten of -huisjes kon je zien naast huizen en boerderijen waarin de zieken in de buitenlucht lagen. In die tijd waren rust en goed eten hèt medicijn. De Duitsers waren bang voor besmetting. Deze nare, zorgwekkende situatie greep dokter Gouwe aan door de mannen die naar Duitsland zouden worden gestuurd, een TBC-verklaring te geven. Zo voorkwam hij dat er uit zijn praktijk - voor zover bekend - niemand naar Duitsland ging. De oorlog bracht hem zelf een enorme slag, toen zijn enige zoon Hans Erik Gouwe in september 1944 werd gefusilleerd, terwijl hij zelf - na Amersfoort, St. Michielsgestel en Mühlhausen gevangen werd gezet in het Duitse kamp Neu Brandenburg.


laatste familiefoto van het gezin Gouwe in Lutten, circa vijf weken voor de dood van zoon Hans;
vlnr: Inge, dr. Gouwe, Fried, Agnes, Hans, mevr. Gouwe en Judith.

Zelf overleefde hij de oorlog, maar het huwelijk liep fout. Uit zijn tweede huwelijk met Hendrika ten Have werden nog drie kinderen geboren: Asta Marita Dorothea, Willem Frederik George Lodewijk en Willem Frederik. Het werd een zelfgekozen, doch niet gemakkelijke periode in zijn boeiend leven. Op 25 september 1962 stierf hij na een hersenbloeding in het Röpcke-Zweers ziekenhuis in Hardenberg.

Dokter Gouwe werd begraven op het kerkhof in Lutten. Eind twintigste eeuw is een expositieruimte in de Oudheidkamer omgedoopt tot:'Dokter Gouwezaal'…

De laatste decennia

In de tachtiger jaren van de twintigste eeuw was 'Villa Eikenoord' het onderkomen voor een afkickcentrum voor drugsverslaafden. De stichting 'Srefidensie' huurde het pand via een makelaar te Amsterdam. De eigenaar was niet bekend. Er werden maximaal 15 patiënten gehuisvest, in de leeftijd van 17 tot 30 jaar. De stichting paste de 'cold turkey'-methode toe, wat betekent dat de drugsverslaafden behandeld werden zonder vervangende middelen als methadon. Wegens overlast in de buurt werden de werkzaamheden van de stichting al snel beëindigd. Verder heeft de villa onderdak geboden aan een kunstschilder die korte tijd later met de noorderzon vertrok, aan een slager en een kurkhandel. De laatste tijd is Eikenoord eigendom van S. en R. Beheer.


aquarel van Villa Eikenoord, geschilderd voor zijn moeder,
door Hans Erik Gouwe (16 jaar)

 

 

 

Bronnen:

  • Gemeentearchief Hardenberg
  • Gemeentearchief Oostburg, Zeeland
  • Salland's Volksblad, diverse jaargangen

Met dank aan:

  • Jan Prins van Wijngaarden, Steenwijk
  • Gerrit van Faassen, Hardenberg
  • Judith Kaars Sijpesteijn-Gouwe, Lutten