Gemeentelijke herindeling

Dinah Hesselink-Zweers

vlag Avereestvlag Gramsbergenvlag Hardenberg
Avereest                    Gramsbergen                     Hardenberg

 

Een passende naam voor deze nieuw te vormen gemeente is niet zo moeilijk te bedenken. De gemeentegrenzen zijn praktisch dezelfde als die van voor 1811 toen het hele gebied bij Ambt en Stad Hardenberg hoorde.

Sinds onheuglijke tijden grensde het Schoutambt Hardenberg in het noorden aan het huidige centrum van Dedemsvaart en volgde de grens met Drenthe tot aan het klooster Coevorden. De oostgrens werd gevormd door Duitsland, de zuidgrens door Vriezenveen en ten westen grensde het aan Ommen. Bij Stad Hardenberg behoorde het gebied van de huidige Hoogenweg tot aan de Balderhaar.

Herindeling in 1811

wapen Gramsbergen

Vanaf 1819 heeft Gramsbergen een gemeentewapen "Van lazuur beladen met 3 gouden bezantijnen. Het schild gedekt met een gouden kroon."

Het noordelijk en oostelijk gebied van het Schoutambt Hardenberg, betreffende de buurtschappen Ennevelde (later Annevelde of Anevelde genoemd), Ane met Anerveen en de Meene, Holthone, Holtheme, Den Velde en Loozen en de heerlijkheid Gramsbergen, werd in 1811 samengevoegd tot een zelfstandige gemeente met de naam Gramsbergen.

Van 1795 tot 1803 was Gramsbergen ook al even zelfstandig geweest met de naam Schoutambt Gramsbergen (bij het stedeke hoorden enkele erven o.a. de Kieft, Rechtuit en Dobbeman en die op de Oldenhof).

Van 1803 tot 1811 behoorde Gramsbergen weer tot het Schoutambt Hardenberg.

herindeling
1803: Gelijk insgelijks het Stedeken
Gramsbergen weder zal behooren te
worden gebragt onder het Schout-
ampt van den Hardenberg waar
onder het zelve voor 1795 altoos
heeft gehoort.

 

De rest van het Schoutambt werd met Stad Hardenberg samengevoegd en vormde van 1811 tot 1818 en na 1941 de gemeente Hardenberg.

wapen Stad Hardenberg

Van 1818 tot 1941 voerde Stad Hardenberg een wapen
"Van lazuur, beladen met den Heiligen Stephanus de martelaar van zilver, houdende in deszelfs linkerhand een rood boek en staande in een met rijen pilaren voorzien kerkgewelf van zilver. Het schild gedekt met een gouden kroon."

wapen Ambt Hardenberg

 

Ambt Hardenberg voerde pas vanaf 1899 tot 1941 het volgende wapen
" In azuur een dwarsbalk van goud vergezeld in het schildhoofd van 3 naast elkaar geplaatste boombladeren met de stelen omhoog, van goud, en in de schildpunt van een lopende pelikaan van zilver; het schild omgeven door een blokkenzoom van goud en azuur."

 

wapen Avereest

Ook een groot gedeelte van Avereest, tot aan de kalkovens in Dedemsvaart, behoorde tot 1837 tot Ambt Hardenberg. Vanaf 1888 voert Avereest een wapen
" In sabel eene golvende fasce van zilver, vergezeld boven van een van keel gebonden korenschoof van goud, geplaatst tusschen 2 klaverbladen van hetzelfde; en van onderen van 2 kruislings geplaatste veenspitters van zilver, met de stelen van goud naar omlaag."

 

 

Herindeling in 1941

In 1941 zijn Stad en Ambt Hardenberg opnieuw samengevoegd en voerden sindsdien de volgende wapens, van 1941 tot 1962: "Gedeeld: I. In goud een dwarsbalk van keel en een schildhoek van hetzelfde, beladen met een bisschopsmijter van zilver; II. Doorsneden : a) In zilver een dubbelgekanteelde dwarsbalk van keel; b) In keel een dwarsbalk van zilver. Het schild gedekt met een gouden kroon van 3 bladeren en 2 paarlen".

wapen Hardenberg

Op 25 augustus 1962 is aan de gemeente Hardenberg een nieuw wapen verleend. De omschrijving ervan is:
"Gevierendeeld :
I. In zilver een roos van keel, geknopt en gepunt van goud [is ontleend aan het blazoen van Otto van Lippe, zoon van Bernhard II, Edele Heer van Lippe, die een rechtstreekse voorvader is van Z.K.H. Prins Bernhard. Otto van Lippe was bisschop van Utrecht en het Oversticht van 1215-1227. Hij sneuvelde in 1227 in de slag bij Ane in de omgeving van Hardenberg in de strijd tegen Rudolf van Coevorden.];
II. In goud een dwarsbalk van keel [is ontleend aan het blazoen van Willebrandt van Oldenburg, bisschop van Utrecht en het Oversticht van 1227-1233. Bisschop Willebrandt van Oldenburg vond in verband met de voortdurende strijd tegen Rudolf van Coevorden aanleiding Hardenberg te ommuren. Met de ommuring werd een aanvang gemaakt in 1230. Deze muur is thans gedeeltelijk opgegraven en gerestaureerd.];
III. In zilver een beurtelings gekanteelde dwarsbalk van keel [is ontleend aan het blazoen van Jan van Arkel, bisschop van Utrecht en het Oversticht van 1342-1364. Bisschop Jan van Arkel verlegde op 18 september 1362 de aan Nijenstede geschonken rechten en vrijheden naar Hardenberg en breidde deze rechten uit met de rechten en vrijheden, die aan de stad Zwolle waren verleend en gaf daarenboven nog andere in de giftbrief nader omschreven voorrechten.];
IV. In keel een dwarsbalk van zilver [is ontleend aan het blazoen van bisschop Floris van Wevelinkhoven, bisschop van Utrecht en het Oversticht van 1379-1393. Deze bisschop verbleef veel op het kasteel van de bisschoppen te Hardenberg. Dit kasteel heeft gestaan op de plaats, waar thans de Höftekerk staat. Hij overleed op 4 april 1393 te Hardenberg].

Achter het schild en met de rechterhand daarop steunende de figuur van de Heilige Stephanus, de Martelaar, van zilver, houdende in zijn linkerhand een boek van keel [Stephanus is de eerste diaken in de Christelijke gemeente te Jeruzalem, die beschreven wordt in het Bijbelboek, de Handelingen der Apostelen, hoofdstukken 6 t/m 8. Hij wordt genoemd een man vol van geloof en heilige Geest. Hij stierf de marteldood. Stephanus is een Grieks woord, dat betekent krans of kroon. De naam Stephanus werd nadien gedragen door verschillende Pausen, terwijl ook kerken aan de Heilige Stephanus werden gewijd. Ook de kerk van Hardenberg werd gewijd aan de Heilige Stephanus. Ongeveer in het jaar 760 werd een kerk gesticht te Nijenstede op de plaats van het huidige kerkhof aan de Stationsstraat te Hardenberg.

Met de nieuwe indeling anno 2001 gaan we dus gewoon een paar eeuwen terug in de tijd; historisch gezien zou de naam 'Ambt en Stad Hardenberg' (eventueel Hardenberg) het meest correct zijn.