Voetbalhistorie in Hardenberg

~ Dinah Hesselink-Zweers ~

(verschenen in Rondom den Herdenbergh 2013/01 en 2013/02)

Tegen het eind van de negentiende eeuw werd in Nederland de voetbalsport ontdekt. Overal in het land ontstonden voetbalclubs, zo ook in Hardenberg. Hier werd ongeveer honderd jaar geleden H.V.C., de Hardenberger Voetbal Club, opgericht. In de begintijd moest er veel moeite worden gedaan om een vast speelveld te bemachtigen. Ook was er niet al te veel tijd om het spel te beoefenen. In die tijd bestond er nog een zesdaagse werkweek en kon er alleen op de enige vrije dag, de zondag, worden gevoetbald.

  

De linker foto verscheen in het boekje ‘Kent u ze nog’ met als bijschrift: De voetbalclub, welke in 1912 in Hardenberg speelde, telde onder de spelers een lid dat ook in het roemruchte Ajax meespeelde. Dat kon toen, omdat de sport destijds nog zuiver amateuristisch was en de bondsregels niet zo streng waren. De bewuste speler was Gerrit Ziegeler (in wit shirt). De overige spelers zijn van links naar rechts: Gerrit Frijling, Gerrit ter Horst, ? Ter Horst, ? Cramer, Frits Boerrigter, Jo Frijling, Jan Westhoff?, Buitenhuis en Jan van Loo. Het tenue dat men destijds droeg heeft meer weg van een gevangenispak dan van een sportkostuum…
Op het rechter fotootje zien we Gerard Ziegeler, hij was keeper van Ajax Amsterdam 1911-1916.

Volksopvoeding ligt op het voetbalveld

Een eeuw geleden waren er zoveel klachten over tuchteloosheid, bandeloosheid en baldadigheid van de jeugd dat de Tuchtunie een landelijke oproep deed om de voetbalsport te stimuleren. Waarschijnlijk werd naar aanleiding hiervan H.V.C. opgericht. De voetballers speelden dan hier dan daar. Ze vroegen daarom aan het stadsbestuur om een vast terrein, het liefst op de Marsch of in het Veld. Dit verzoek werd behandeld in de vergadering van maart 1914. Op voorstel van raadslid Ziegeler, wiens neef in die tijd keeper was bij Ajax Amsterdam, werd besloten dat de club het veld aan de kant van het kanaal als sportveld mocht gebruiken. De heer Schuldink vond dat bij het besluit een bepaling moest worden opgenomen waarin stond dat er op zondag niet mocht worden gevoetbald omdat velen door het spelen op Zondag geërgerd worden.Volgens Zweers zou dit geen aanstoot geven, omdat het aangewezen terrein tamelijk ver van de stad lag. Ook Van der Sanden vond zo’n bepaling onzin: Wanneer de jongelui op zondag niet kunnen voetballen, gaan ze naar de herbergen in de stad. Ook zou men dan de jongens, die door de week niet konden, de gelegenheid ontnemen om aan sport te doen. Schuldink bleef echter bij het standpunt dat de zondag niet bestemd was voor ontspanning en vond dat de gemeente best die voorwaarde kon stellen: Gaan de jongelui dan ergens elders, dan ligt dit voor hunne rekening. Het voorstel werd met algemene stemmen verworpen. Er mocht gewoon op zondag worden gevoetbald op het veld bij het kanaal. Een jaar later lezen we dat de jeugd gestimuleerd moest worden om toch vooral te gaan voetballen!

Nog geen voetbalveld

Vijf jaar later deed het bestuur van de voetbalclub opnieuw een beroep op de gemeente. Hierdoor weten we dat toentertijd Berend Jan van Loo voorzitter en Herman Bruins secretaris van H.V.C. was. Uit het verzoek blijkt dat ze geen geschikt veld konden vinden voor de wedstrijd die gespeeld zou worden op goede vrijdag 18 april 1919. De gemeente stemde toe dat er voor deze ene keer een gedeelte van de Marsch beschikbaar werd gesteld. De wedstrijd mocht daar worden gespeeld, op voorwaarde dat het publiek buiten de Marsch bleef!


Deze foto staat in het boekje ‘Kent u ze nog’ met het volgende bijschrift:
K.M.D. (Klein Maar Dapper) is de naam van de voetbalclub, die omstreeks 1918 een terrein had bij “De Ezel”, waar later een werkkamp werd gebouwd, dat inmiddels is afgebroken. Uit deze voetbalclub is de latere vereniging H.V.C. gegroeid. H.V.C. ging naderhand een fusie aan met de Heemser Goalgetters en opereert nu onder de naam H.H.C. Voorste rij: Herman Bruins, Martijn Roos, Berend Jan van Loo. Tweede rij: Jo Otten, Bé Eeftink, Piet Bruins. Staand: Herman Frijling, onbekend, Egbert Vinke, Piet Nieman en Henk Vinke. Men speelde toen in de thans niet meer gebruikelijke opstelling: een keeper, twee backs, drie middenlinie- en vijf voorhoedespelers. In de middenlinie was de “Spil” de centrale figuur van het elftal; in de voorhoede was de “midvoor” de aangewezen man om doelpunten te maken.

Dat H.V.C. nog steeds niet over een permanent voetbalveld beschikte werd nogmaals duidelijk in 1920. In de raad werd het verzoek opnieuw behandeld en vooral raadslid Roolvink maakte zich sterk voor een blijvend sportveld voor allerlei ‘sportspelen’. Hij wees op het grote nut van sportbeweging voor de jeugd. Enkele maanden later kwam het onderwerp opnieuw ter tafel. Er bleek geen enkel geschikt terrein voorhanden te zijn. Er werd nogmaals uitvoerig over een voetbalveld en financiële steun gedebatteerd. Raadslid De Bruin meende dat er in het Veld nog wel gemeentegrond lag om op te voetballen. Volgens Peltjes waren de voetballers niet noodlijdend en konden ze zelf wel een speelveld bekostigen. Omdat er hoofdzakelijk ‘s zondags gebruik van werd gemaakt, moest volgens hem de raad hierin neutraal blijven. Na enige discussie werd besloten dat raadslid Zweers hierover in contact zou blijven met H.V.C. en eens zou ‘rondzien’.

We lezen dat de voetbalclub in juli 1920 erin geslaagd was voor een periode van zeven maanden een terrein te huren voor f 125,-. Burgemeester en wethouders stelden aan de raad voor om een derde hiervan voor hun rekening te nemen. Raadslid Peltjes wilde aan deze subsidie weer de voorwaarde stellen dat er niet op zondag mocht worden gevoetbald. Hiermee was burgemeester Bloem het volstrekt oneens. Volgens hem was de zondag de enige dag om te voetballen. Raadslid De Bruin stelde voor om de voetbalclub een tegemoetkoming voor de tijd van een jaar te geven, zodat de vereniging intussen kon uitzien naar een goedkoper terrein. Roolvink stelde nog voor om zich in verbinding te stellen met de gemeente Ambt Hardenberg om te proberen voor gezamenlijke kosten een terrein te krijgen. Volgens hem lag er aan de weg naar Lutten een zeer geschikte lap grond. Het voorstel om subsidie te verlenen werd door B&W verworpen met vier tegen drie stemmen, tegen stemden de heren Schuurman, Kremer, Peltjes en Hamberg.


In 1914 kon men voor een voetbal terecht bij fietsenmaker Kip.

Enkele jaren later was er nog geen definitief voetbalveld. In de begrotingsvergadering van november 1922 wees raadslid De Bruin erop dat de aanleg van een sportterrein het vreemdelingenverkeer zeer zou bevorderen, alsmede de lust om zich hier te gaan vestigen.

Nu H.V.C. op eigen kosten een veld had kunnen huren, sloot de club zich aan bij de neutrale Noord Centrale Voetbal Bond. In de jaren 1920- 1922 speelden ze onder de naam Hardenberg in competitieverband, maar in september 1922 werden de voetballers uit Hardenberg wegens wanbetaling geroyeerd.

Twee voetbalclubs en de sportraad

In februari 1923 ontving de gemeenteraad een brief van de Hardenberger Voetbal Vereniging H.V.V., ondertekend door jongens van rond de vijftien jaar, te weten: J.B.M. Wamelink, Z. Middendorp en H. Kremer. Ze hadden een voetbalveld aan het kanaal, maar dat terrein zou door de heer Van Diepen ontgonnen worden. De jongens vroegen om een ander speelveld en omdat ze niet veel geld te besteden hadden vroegen ze meteen of de gemeente het aan te wijzen veld wilde egaliseren. Het gemeentebestuur besloot nog even te wachten met het behandelen van dit verzoek, omdat men ook nog een dergelijke vraag van H.V.C. kon verwachten. En inderdaad, in april trokken zij ook aan de bel. B.J. van Loo was nog steeds voorzitter, J. Hidding was nu secretaris en P.M. Bruins penningmeester. Zij schreven dat ze geen geschikt effen terrein konden vinden voor hun geliefkoosde sport, nu hun huidige, gelegen in het Hardenbergerveld, door de gemeente zou worden ontgonnen. Op 4 mei werden de verzoeken van beide clubs in de raad behandeld. De gemeente was welwillend maar kon niet besluiten welke lap grond het geschiktst voor de voetbalsport was. Op advies van de heer De Bruin werd alvast een voorlopig terrein aangewezen. Een jaar later, in 1924, merkte raadslid Wamelink op dat aan de voetbalclubs nog steeds geen veld was toegewezen en dat dit gedaan moest worden tegen een matige huur. Oldeboom vond dit echter geen taak van de gemeente, de ouders van de voetballers moesten hier zelf maar voor zorgen. Op voorstel van burgemeester Schuite werd een adviescommissie ingesteld bestaande uit de raadsleden Grooters, De Bruin en Wamelink.


Deze foto zou gemaakt kunnen zijn in 1927. In de krant van 8 juli stond het volgende berichtje: Toen hij van de voetbalclub een foto wilde nemen, had de heer A.J. Breukelman Hz. het ongeluk in een kuil te treden, waardoor zijn enkel uit het lid raakte en een pees verrekte.

Nadat aanvankelijk individuele raadsleden zich bezig hielden met het vinden van een geschikt sportterrein, werd in 1924 een adviescommissie geformeerd. Zes jaar later, in de zomer van 1930, ontstond de sportraad de commissie tot bevordering van de sport te Stad Hardenberg. De commissieleden waren K. Luten, voorzitter, A. Veldkamp, secretaris, B.J. van Loo, G.M. Wamelink en R. Bosch en een zesde lid werd later gevonden in H. Boom. De heren Luten en Van Loo vertrokken eind 1935 uit Hardenberg en kregen eervol ontslag. In hun plaats werden per 1 januari 1936 wethouder R.E. de Bruin en dierenarts G.A.R. Nieuhoff aangesteld. In februari 1937 werden ‘dierenveearts’ E. de Nooij en H. Vermeulen, onderwijzer van de openbare lagere school aan de Stationsweg, als lid van de sportcommissie benoemd. De laatste werd op 1 april 1938 eervol ontslagen.

Het eerste sportveld op de Marsch

In het jaar 1930 besloot de gemeente eindelijk dat er een sportterrein op de Marsch zou worden aangelegd ter hoogte van de huidige Sportlaan-Marslaan. Op verzoek van het sportcomité werd het veld officieel door de gemeenteraad aan hen overgedragen. Op donderdag 14 mei 1931 ’s middags om twee uur verrichtte wethouder Prins de opening met het doorknippen van het traditionele lint. Toespraken werden gehouden door voornoemde wethouder en voorzitter Luten. Na de opening werd direct begonnen met het spelen van enkele korfbal- en voetbalwedstrijden. De plaatselijke voetbalclub kwam in het veld tegen Gramsbergen en verloor met 8-1.

Voor en na de officiële overdracht van het sportterrein ‘De Marsch’, werd hier veel over gedebatteerd. Allereerst was er de principezaak van wel of geen wedstrijden of sportfeesten op zondag. In deze tijd van de zesdaagse werkweek, was eigenlijk alleen de zondag geschikt om wedstrijden te houden. Als men dit zou verbieden, liepen de sportclubs inkomsten mis, met alle gevolgen van dien. Anderen wilden dat er op zondag geen entree mocht worden geheven. Het raadsbesluit van B&W luidde in juli 1931 als volgt: Ze wil niet dat er op zondag wedstrijden met publiek worden gespeeld, maar heeft geen bezwaar tegen sportbeoefening.


Ook in 1930 zat het bestuur weer met de handen in het haar. De toenmalige bestuursleden B.J. van Loo, A. Knol en E.I. de Bruin plaatsten op 8 maart een oproep in de krant.

Vervolgens was er de onkostenkwestie. Er was veel geld uitgegeven voor de aanleg en men had de kavels ook kunnen verhuren als koeweide, dan was er bovendien nog iets aan verdiend. Er werd geopperd dat er zowel voor huur als onderhoud moest worden betaald. Het sportcomité stemde hier aanvankelijk mee in onder het motto ‘voor hetgeen men betaalt, heeft men meer belangstelling!’ Later zag men in dat er toch wel erg veel kosten voor rekening van clubleden kwamen, want men moest bijvoorbeeld ook kleding en materiaal aanschaffen. Hoewel de gemeente niet verplicht was om een sportveld te onderhouden vond de nieuwe burgemeester Bramer dat zij een taak had ten opzichte van sportbeoefening. Hij achtte een offer in het belang van de jeugd niet te hoog. Bovendien kon het terrein ook voor andere, niet sportieve, doeleinden gebuikt worden. Tijdens alle beraden kwam ook ter sprake dat dit grondgebied nog altijd tot Ambt Hardenberg behoorde. Pas later werd de naar het noorden verlegde rivier de Vecht de natuurlijke grens tussen Stad en Ambt.


Volgens dit briefhoofd werd H.V.C. op 1 mei 1931 opgericht. Nu er eindelijk een officieel sportveld was, werd het voetbal nieuw leven ingeblazen. H.V.C. sloot zich aan bij de in 1929 opgerichte Christelijke Nederlandsche Voetbal Bond.

Stad Hardenberg besloot met vier stemmen voor en drie tegen om het terrein op de Marsch gratis beschikbaar te stellen onder de volgende voorwaarden:
1. Telkens voor een kalenderjaar, voor het eerst over het lopende jaar t/m 31 december 1931, het wordt verlengd tenzij drie maand van te voren wordt opgezegd.
2. De sportcommissie is verplicht het terrein en de afrastering te onderhouden voor eigen kosten.
3. Terrein mag ’s zondags niet worden gebruikt voor het houden van sportfeesten, wedstrijden of andere openbare vermakelijkheden, waarbij publiek met of zonder betaling wordt toegelaten.
4. De gemeente heeft te allen tijde het recht over het terrein te beschikken voor niet sportieve doeleinden. (Hierover ging de sportcommissie nog in conferentie met het college).


Op het eerste sportterrein, geopend in mei 1931 werd later de Burgemeester Bramerstraat, Sportlaan en Marslaan gebouwd. Het tweede voetbalveld op de ‘Mars’, waar gespeeld werd vanaf februari 1936, lag noordelijker, tussen de Vecht en de later zogenaamde J.H. Prengerlaan.

Het eerste sportveld op de Marsch lag direct over de oude Vecht - thans Bramerstraat/ Sportlaan tot waar later de Marslaan werd aangelegd - en was slecht toegankelijk. Om het beter bereikbaar te maken wilde men een voetbrug aanleggen in het verlengde van de straat tussen café De Jaarbeurs en het perceel van Borneman (tegenwoordig komend uit het straatje tussen Den Herdenbergher en de Lelie). De Marsch was eigendom van de Stad, hoewel het nog steeds was gelegen in de gemeente Ambt Hardenberg. Over de oude Vechtarm, kadastraal nummer A2141, werd een vaste brug voor voetgangers aangelegd. Het bruggetje was 1.20 meter breed en 15 meter lang en rustte op vijf pijlers, zodat de waterafvoer van de Radewijkerbeek niet belemmerd werd. Verder lag het in de bedoeling om het sportterrein ter zijde van de oude Vecht van een vaste afrastering van latwerk te voorzien.

Omliggende voetbalclubs

Voordat men competitie speelde in de C.N.V.B. werd gevoetbald tegen omliggende verenigingen. Populair waren de paastoernooien en zogenaamde nederlaag-, serie- of prestatiewedstrijden. Als winnaar van deze evenementen nam je meestal een beker mee naar huis.

In de zomer van 1933 speelde H.V.C. tegen clubs als Vroomshoopsche Boys, Voorwaarts De Krim, E.M.M.S. en D.O.V. uit Slagharen, W.I.K. Kloosterhaar en D.V.C. Dedemsvaart. Bij Ajax Ommen deden ze mee aan de nederlaagwedstrijden. Ajax, dat nog geen enkele wedstrijd verloren had, moest in H.V.C. haar meerdere erkennen …onze jongens staan hierdoor aan de beker van Ajax.


In april 1931 kon men voor voetbal- en tennisschoenen terecht bij schoenhandel Willering aan de Markt.

Dankdag, biddag en goede vrijdag waren ook voetbaldagen bij uitstek. In 1934 deed H.V.C. op biddag mee met drie elftallen.
De eerste twee speelden tegen een D.V.C.-combinatie en het derde elftal versloeg Ane. Op goede vrijdag ging het tweede naar U.L.O. Boys in Dedemsvaart om mee te doen aan seriewedstrijden. Ze versloegen daar D.V.C. II en Wacker II uit De Wijk en werden beloond met twaalf draagmedailles.
De Hardenbergers voetbalden onder meer tegen:
- De Zwaluw uit Gramsbergen, opgericht op 1 april 1929. De groen-witten speelden zondags op de Osseweide in de Drentse, de Noord Centrale Voetbalbond. De vereniging dankte haar ontstaan aan het initiatief van de heren Bosch, Valkman en J.E. Snel, waarvan de laatste begin mei 1940 voorzitter was.
- In mei 1930 werd in Bergentheim opnieuw een voetbalclub opgericht, die O.D.O. werd genoemd. Ze wonnen direct op pinkstermaandag in Gramsbergen de tweede prijs, een zilveren lauwerkrans. Na de bevrijding speelde op maandagavond 28 mei een Engels legerelftal uit Ommen tegen R.O.D.A. Bergentheim ten bate van het Rode Kruis repatriatiekamp aldaar. De Engelsen wonnen met 3-0, ze hadden een betere conditie en meer uithoudingsvermogen. De opbrengst was f 600,-.
- In Kloosterhaar had men W.I.K. Op een zondag in september 1933 wonnen ze bij O.V.C. Ommen het erekruis. In augustus 1936 ging het praatje rond dat de burgemeester van Ambt Hardenberg het voetballen op zondag had verboden omdat men in Kloosterhaar onder kerktijd gevoetbald zou hebben. In de krant werd dit tegengesproken, van een verbod was geen sprake. Wel had de burgemeester te kennen gegeven graag te zien dat het voetballen van de zondag naar de zaterdag verschoven werd immers de vrije zaterdagmiddag is overal ingevoerd en deze middag leent zich uitstekend voor dergelijke spelen, terwijl de zondagsheiliging er beter door tot haar recht komt. In het seizoen 1936-1937 kwamen de Kloosterhaarsche Boys als nieuweling uit in de 2e klasse van de christelijke bond.
- In Baalder was in juni 1934 S.D.O. opgericht. Deze vereniging hoopt zondag a.s. haar eersten wedstrijd te spelen tegen L.V.C. uit Lutten.

- In juli 1934 werd in Mariënberg de christelijke voetbalclub V.I.O.S. opgericht. Er hadden zich 20 leden opgegeven en zodra het veld, dichtbij hotel Klinkhamer, gereed was, zou het in gebruik worden genomen m.m.v. de christelijke muziekvereniging. Na de Tweede Wereldoorlog heette de club M.V.C.
- In november 1934 werd in Loozen en Radewijk, aanvankelijk met 18 leden, een voetbalvereniging opgericht met de naam Lora. Het bestuur bestond uit J. van Housselt, voorzitter en G. Jonkhans, secretaris. Men hoopt zondag a.s. reeds een wedstrijd te spelen tegen Zwaluw II alhier. Na de oorlog werd gevoetbald onder de namen Radewijk en Hoogenweg- Radewijk.

Kampioen in seizoen 1933-1934

In het seizoen 1933-1934 werd H.V.C. ingedeeld in de derde klasse van de derde - de oostelijke - afdeling. Tegenspelers waren R.O.D.A. en Sportlust II uit Vriezenveen, Ajax Ommen, Victoria Westerhaar, D.E.S. III en Volharding III uit Nijverdal, V.V.E. II Vriezenveenschewijk en Entersche Boys. De wedstrijden werden in deze christelijke bond gespeeld op zaterdag in plaats van zondag. De aanvangstijden lagen meestal tussen drie uur en half vier. De meeste voetballers werkten ’s zaterdagsmorgens en moesten daarna op de fiets naar thuis- en uitwedstrijden. Zowel op de fiets als op het veld had men vaak last van de wind. Ook een modderige en natte grasmat, meestal niet meer dan een weiland, maakte het extra moeilijk om de zware leren bal rond te spelen. Bij de winterdag moest men soms de wedstrijd vroegtijdig staken omdat de duisternis inviel. H.V.C. zette de competitie goed in met een winst van 5-3 op V.V.E. Daarna werd Ajax met 4-3 verslagen.

 


De bovenste foto verscheen in het tijdschrift ‘Eigen Erf’ en werd genomen toen men Ajax Ommen in 1933 versloeg met 4-3. Op beide foto’s zien we staand de aanvallers. Op de onderste foto zijn dat: onbekend, H.J. Zweers H.Jzn., Jan Tieman, Wim Raadsveld?, onbekend, onbekend. Geknield op beide foto’s dezelfde middenvelders: Dirk Teunis, Frederikus Zweers Azn. met pet en een onbekende. Op de voorgrond de achterhoede: Hendrik Jan Zweers Azn., keeper Klaas Smit en Tonny van Weerden. (Foto: Collectie G.P. Teunis)

In de uitwedstrijd tegen Volharding was de Nijverdalse keeper onfortuinlijk. Hij schoot uit tegen een van de backs, vanwaar het leer in het doel vloog. H.V.C. won van Volharding zowel de uit als thuiswedstrijd met 7-0. Ook wisten ze met 4-3 te winnen van Sportlust.
Er stond toen een sterke wind en de rechtsbuiten Zweers schoot nog een keer hard op de paal. Op zaterdag 28 oktober begon de match tegen Entersche Boys om drie uur. We lezen dat Willem Meijer langs de lijn stormde, hij passeerde een, twee spelers en schoot prachtig in. In de zesde wedstrijd, uit tegen Victoria, werd de eerste nederlaag geleden 4-2. Doelman Smit moest geblesseerd het veld verlaten, Goris nam zijn plaats onder de lat in. De zaterdag erna speelde men weer met frisse moed tegen D.E.S. In de thuiswedstrijd tegen Victoria mocht, voorafgaand aan het competitie duel, het derde elftal van H.V.C. spelen tegen Ane. De Hardenbergers wonnen met 7-0. Doelpunten werden gemaakt door H. Scheffer (2), J. van Loo, R. van Loo, J. Veldkamp en Jac. Meijer en de back van Ane trapte in zijn eigen doel. Er was die middag veel wind en het voetballen ging moeilijk. Toch maakte het eerste elftal na vier minuten al een goal en won met 3-0. Op 10 maart 1934 togen ze naar Enter maar deze kwam niet op en H.V.C. won dus reglementair met 5-0 en keerde met de twee winstpunten huiswaarts.

De volgende zaterdag was de laatste thuiswedstrijd tegen D.E.S. Het veld was een grote modderpoel, maar de ploeg won met grote cijfers 5-1. Om kampioen te worden moest men in de twee laatste nog te spelen wedstrijden 1 punt behalen, de voorsprong op R.O.D.A. was vier punten.

Op zaterdag 7 april 1934 werd H.V.C. kampioen. Onder allesbehalve fraai voetbalweer, in de stromende regen, werd afgetrapt op het terrein in Vriezenveenschewijk. In de Vechtstreek, die alleen zaterdags verscheen, stond een week later: Volgde men zondag met grote spanning door het hele land den voetbalwedstrijd Holland-Ierland en was de blijdschap over den uitslag algemeen, in beperkte kring openbaarde zich den dag tevoren de verheugenis over het feit dat onze voetbalclub H.V.C. won van V.V.E. te Vriezenveenschewijk en wel met eenzelfde cijferverhouding: 5-2. Ze werd hierdoor kampioen. Ze zijn nu in een hogere klasse gekomen…


Het kranige elftal dat kampioen werd van de C.N.V.B. afdeling III, 3e klasse.
Staand v.l.n.r. Dirk Teunis, Ep van ’t Holt, Hendrik Jan Zweers (zwarte van de baron), Jan Tieman, de broers Van Aalderen?, Bats Borneman, Bats Breukelman en Frederikus Zweers (van Ab van de baron).
Knielend v.l.n.r. Jurrie Goris, Hendrik Jan Zweers (van Ab van de baron), Klaas Smit, Tonny van Weerden en Wim Raadsveld?

Tijdens de jaarvergadering van de C.N.V.B. in juli werden de kampioenen van de aangesloten 12 afdelingen met 81 verenigingen bekend gemaakt. Dit waren onder andere in afdeling II: D.O.S. Kampen en Volharding II Nunspeet, in afdeling III: D.E.S Nijverdal (werd landskampioen), D.E.S. II Nijverdal en H.V.C. Hardenberg en in afdeling VIII: Sparta Enschede en Sparta III Enschede.

Het kampioenschap werd enkele weken later gevierd in café Zweers aan de Markt. Bijna alle, ruim dertig, leden waren aanwezig. Burgemeester Bramer en R. Bosch hielden een toespraak en de laatste bood namens de sportcommissie een vitrine aan, waarin de behaalde bekers, lauwertakken en medailles konden worden tentoongesteld. P. Tieman sprak als blijde voorzitter nog enkele woorden en daarna vierde men feest. Er was voldoende bier en taart en de hier welbekende ‘Veendammer harmonicaspeler’ speelde er lustig op los. H. Makkinga verhoogde de feestvreugde met enkele humoristische voordrachten. Volgens de krant was het een gezellige avond die nog lang bij de H.V.C.-ers in herinnering zou blijven.

Omdat de voetbalclub geen eigen onderkomen had, werd er altijd in het café vergaderd. Er waren echter ook leden van amper tien jaar oud en diverse ouders hadden hun bedenkingen tegen dit cafébezoek. Daarom vroeg men in januari 1935 aan de gemeente om eens per maand te mogen vergaderen in het achterste lokaal van de oude school aan de Wilhelminastraat.

Seizoen 1934-1935

voetbal Bergentheim
                Wie kent deze rokende sporthelden uit Bergentheim?

H.V.C. was gepromoveerd naar de 2e klasse. De kampioen begon niet al te best, de eerste wedstrijd tegen Hulzen werd verloren. In november moesten ze om drie uur in Rijssen zijn voor de aftrap tegen Sparta II. Toen de stand een kwartier voor afloop 1-1 was, werd het behoorlijk donker. De scheidsrechter stelde voor de wedstrijd te staken maar Sparta wilde hier niet van weten en verloor met 1-2. Begin mei werd in Hardenberg onder grote belangstelling de beslissingswedstrijd om het kampioenschap gespeeld tussen H.V.C. en R.O.D.A. De Vriezenveners wonnen met 3-4 en werden kampioen met 18 punten uit 12 wedstrijden, H.V.C. eindigde als tweede met 17 punten. Men kreeg in die tijd twee punten voor een gewonnen wedstrijd.

Zoals vanouds werd deelgenomen aan toernooien. Op goede vrijdag wonnen ze bij O.D.O. Bergentheim de eerste prijs, een fraaie beker. Paasmaandag waren de seriewedstrijden op de Marsch. Door geweldige regenbuien verkeerde het terrein in slechte toestand, maar het werd toch een groot succes. Zes verenigingen deden mee: De eerste prijs, een zilveren beker, was voor W.I.K. en Oranje Nassau Almelo werd tweede en kreeg de lauwertak. De derde prijs, een medaille, bleef in Hardenberg. Verder werd deelgenomen door Zwaluw II, Quick I Coevorden en Vroomshoopsche Boys. We lezen dat nu ook een tweede elftal in competitieverband speelde. In september 1934 verloren zij thuis met 1-4 van Victoria Westerhaar.

Seizoen 1935-1936

In het seizoen 1935-1936 speelde H.V.C. met de gebruikelijke vijf aanvallers. W. Meijer speelde meestal als linksbuiten, soms werd deze positie ingenomen door E. van ’t Holt, G. Bosch, H. van Aalderen of L. Klement. De vaste linksbinnen was B. Borneman. Als midvoor speelden L. Klement of H. van Aalderen, soms stond W. Raadsveld, Joh. van Aalderen of J. Tieman in de spits. Op rechtsbinnen stond Joh. van Aalderen en soms speelden hier J. Tieman, J. Goris of W. Meijer. Rechtsbuiten was H. J. Zweers H.Jzn. of H. Olsman, soms speelden W. Meijer, J. Goris of W. Raadsveld op deze positie. Op het middenveld stonden als linkshalf E. van ’t Holt of H. van Loo, soms werd deze positie ingenomen door B. Breukelman, L. Klement, A.A. van Weerden, Fr. Zweers of J. Goris. De spil was L. Klement of J. Goris en soms W. Raadsveld. Rechtshalf stonden H. van Loo of J. Goris, ook speelde B. Breukelman op deze positie. In de achterhoede links H. Sickman en soms vervulde A.A. van Weerden en een enkele keer L. Klement of B. Breukelman de linksback positie. De vaste rechtsback was H.J. Zweers Azn. en als doelman speelde meestal J. Luten en een enkele keer K. Smit of E. van ’t Holt. De Van Aalderens waren volgens mij broers en woonden in Ommen. Later lezen we ook over spelers als Fredriks, Luisman, Hofstede en keeper Dekker en een keer over De Jong, waarschijnlijk was dit een speler van Heracles, die evenals de latere trainers van der Veen en Jaarsma wel eens meespeelde met H.V.C.

J_19360201_HVC_Marsch.tif
Officieuze ingebruikname van het nieuwe sportveld in februari 1936.

In het begin van dit seizoen werden weer nederlaagwedstrijden georganiseerd. De 1e klasser en kampioen van Nederland D.E.S. Nijverdal kwam en won met 4-8. Verder werd gespeeld tegen Oranje Nassau I en II Almelo, H.V.V. Hulzen, Vroomshoopsche Boys, Quick Coevorden, Victoria Westerhaar en Volharding I en II uit Nijverdal.

We lezen dat soms bij gelijkspel door supporters een medaille werd uitgeloofd voor de winnaar van de strafschopserie. De voetbalanalyse in de krant was vrij summier …vooral na rust goed gespeeld …de middenvoor moet veel meer schieten… de vleugelspelers, speciaal rechts, moeten meer op hun plaats blijven en niet te veel naar binnen lopen en dan proberen om de bal zo vlug mogelijk voor te zetten… we hebben ze wel eens beter gezien… ieder heeft weleens een slechte dag… wordt er in de komende competitie zo gespeeld als na rust, dan zal het wel gaan...


De Hardenberger Voetbal Club werd ongeveer een eeuw geleden opgericht. In de twintiger jaren van de vorige eeuw speelden de jongens ‘s zondags in de neutrale voetbalbond. Toen men in mei 1931 een eigen sportveld op de Marsch kreeg, sloot de club zich aan bij de christelijke Nederlandse voetbalbond. Voortaan werden de competitiewedstrijden op zaterdag gespeeld. In het seizoen 1933-1934 werd H.V.C. kampioen en promoveerde naar de tweede klasse. Hoewel ze in 1935 als tweede eindigden mochten ze in 1935-1936 toch  uitkomen in de eerste klasse. De verwachtingen  waren ook nu weer hooggespannen.

Seizoen 1935-1936

De club speelde vriendschappelijk tegen bijvoorbeeld Wilhelmina Borne, Voorwaarts Den Ham en dichterbij tegen D.V.C., O.D.O. en W.I.K. In augustus 1935 troffen ze De Zwaluw uit Gramsbergen. Dit elftal bestond uit: keeper Schuurman, verdedigers Valkman en Bosch, middenvelders Kamphuis, Koetze en Reinders en de aanvallers: Boonstra, Krikke, Ter Horst, Reinders en Kamphuis. H.V.C. zou waarschijnlijk aantreden met de aanvallers: Willem Meijer, Bats Borneman, Lambert Klement, Jan Tieman en H. Olsman. Op het middenveld: Ep van ’t Holt, Jurrie Goris, en Herman van Loo. In de defensie Tonny van Weerden en mijn vader, de rechtsback, Hendrik Jan ‘van Ab van de baron’ Zweers en erachter doelman Jaap Luten.

19330000_c_ca.jpg
Actiefoto van de rechtsback Hendrik Jan Zweers ‘van de baron’. In de dertiger jaren werden hij en Bats Borneman uitverkoren voor het oostelijk elftal. De uitnodiging werd afgeslagen omdat ze geen zin hadden om hiervoor op de fiets naar Nijverdal te gaan.

Hoewel ze geen kampioen waren geworden promoveerden ze naar de 1e klasse. De jongens moesten het weer opnemen tegen de kampioen van vorig jaar R.O.D.A. Vriezenveen. Verder werden ze ingedeeld bij Excelsior '31 en Sparta uit Rijssen, D.E.S. I, D.E.S. II en Volharding uit Nijverdal en Entersche Boys. De krant schreefDe wedstrijden worden nu natuurlijk veel zwaarder. Daartegenover staat echter, dat er voor H.V.C. veel meer valt te leren. Als spelers en supporters nu maar eens tegen een nederlaag kunnen - er zijn een paar clubs waar van gewonnen kan worden - zal het wel loslopen.

Voor aanvang van de competitie kon het publiek zogenaamde donateurskaarten kopen. De competitie begon met een zware thuiswedstrijd tegen Volharding. Ook de tweede wedstrijd werd verloren. Dit was wel te voorzien, want tegenstander Sparta was kampioen van de 1e klasse. De volgende wedstrijd was tegen een van de zwakste tegenstanders D.E.S. II en werd ‘verdiend’ verloren. H.V.C. miste een penalty enwe hebben laks en veel te peuterig, veel te kort, gespeeld.Ook tegen Entersche Boys werd verlorenwe hadden geweldig veel pech. Tegen Excelsior namen ze, door een doelpunt van Klement, de leiding. Ze kwamen achter met 2-1 en toen benutte Van Aalderen de penalty 2-2, maar Excelsior won verdiend. Ook troffen ze oude bekende R.O.D.A. Deze club had om het kampioenschap voor de 2e klasse in het voorjaar van H.V.C. gewonnen met 4-3. Dit keer won H.V.C. met 2-0. De achterhoede verrichtte zeer goed werk, Raadsveld scoorde uit een corner en na de pauze, kort voor het eindsignaal, wist Van Aalderen bij een doelworsteling te doelpunten.

Eind november lag de competitie stil en trof men onder andere de 1e klasser Olympia Hoogeveen en op tweede kerstdag zou de 1e klasser uit Groningen op bezoek komen.

19350000_ca_Kent u ze nog_HVC_veteranen.tif.jpg
Volgens het boekje ‘Kent u ze nog?’ zien we bij de veteranen staand v.l.n.r.: Berend Jan van Loo, Johannes Wamelink, Zwaantinus Middendorp, H. Sonnenberg, Derk Jan Makkinga, Tonny Nijman, Herman Frijling, Jan Valkman en Roelof Eeftink. Voor: Herman Bruins, Jan Mulder en Henk Vinke.

De veteranen speelden in november 1935 een oefenwedstrijd tegen het eerste. Waarschijnlijk werd toen afscheid genomen van Berend Jan van Loo, die op 1 januari 1936 naar Laren-Almen zou vertrekken. Hij heeft veel voor H.V.C. betekend, als speler, voorzitter en als lid van de sportcommissie. Volgens de krant was de opstelling van de veteranen als volgt: keeper Jansen, verdedigers Vinke en Tieman, op het middenveld Nijman, Mol en Eefting en de aanvallers Nooy, Bruins, Sonnenberg, Drenthen en Mulder. Scheidsrechter was de heer Blein. Opstelling van het eerste, aanval: Meijer, Borneman, H. en Joh. van Aalderen en H.J. Zweers, middenveld: Van Loo, Klement en Goris en verdediging: Sickman, Zweers en doelman Smit. Sommige spelers bleken verhinderd te zijn zodat H.V.C. met vier aanvallers in het veld kwam, ze speelden laks en het werd een gelijkspel 1-1.

Het nieuwe voetbalveld aan de Vecht

Krap twee jaar na de ingebruikname van het sportterrein op de Marsch hadden de korfbalvereniging Quick en de voetbalclub H.V.C., onder voorzitterschap van B.J. van Loo, al om uitbreiding van het speelveld gevraagd. Ook klaagden ze over de lage ligging en moest er een verbod voor onbevoegden komen. Het veld werd volgens hen gebruikt als speel- of bewaarplaats voor kinderen. Het bleek dat de gemeente al opdracht had gegeven aan secretaris Veldkamp van de sportcommissie om nieuwe plannen te ontwikkelen voor het sportterrein. Er was in die tijd veel werkloosheid en in het kader van de werkverschaffing werd gesproken over de aanleg van een zwembad en sportvelden. De plannen werden later vastgelegd in het zogenaamde ‘Marschplan 1935’. Het laaggelegen gebied ‘de Marsch’ moest helemaal - toen nog handmatig - worden opgehoogd, een zware klus voor de arbeiders. Pas in november 1936 was de ophoging, op een klein hoekje na, klaar.

19350000_ca_HVC 002.jpg
Bij H.V.C. staand v.l.n.r. H.J. Zweers H.Jzn., Dirk Teunis, Jan Tieman, H. en Joh. van Aalderen?, B.J. van Loo. Voor: De broers Frederikus en Hendrik Jan Zweers Azn., de jonge keeper Dekker?, daarachter een onbekende, Tonny van Weerden en onbekende. (Collectie G.P. Teunis)

De kavels ten noorden van het toenmalige sportterrein waren waarschijnlijk al opgehoogd in 1935. In dat jaar werd een gedeelte verhuurd aan de Motorclub Hardenberg voor 25 gulden per jaar. Om te voetballen was het terrein echter nog niet geschikt, de voetbalclub kon er nog niet terecht. In januari 1936 kreeg burgemeester Bramer een brief van Peter Tieman uit Hardenberg. Deze klaagde, als voorzitter van afdeling oost van de christelijke voetbalbond over het slechte veld en verzocht om zo gauw mogelijk het nieuwe terrein te openen. In overleg met de Nederlandsche Heidemaatschappij werd gekeken of er zonder schade aan te richten kon worden gespeeld. De eerste competitiewedstrijd op het nieuwe veld - gelegen tussen de Vecht en de later zogenoemde J.H. Prengerlaan - werd gespeeld op 1 februari en ook publiek was nu van harte welkom. Als alles goed verliep mochten de overige vier competitiewedstrijden hier ook worden gespeeld.

Na twee maanden winterstop leden ze, nog op het oude veld, een nederlaag tegen DES I, maar… vooral in de tweede helft werd uitstekend gespeeld. Borneman was ook weer goed op dreef… Over hem werd verhaald:Als hij een penalty nam, kermde de keeper: ‘Borneman niet zo hard alsjeblieft’.

HV09.tif
  
HV10.tif
 
Het nieuwe voetbalveld op de Marsch. (Collectie Historische Vereniging Hardenberg e.o.

 

In februari 1936 werd het nieuwe terrein officieus in gebruik genomen. Tegenstander was Oranje Nassau Almelo, die de nederlaag van vorig zomer kwam wreken. Het was niet bepaald aangenaam voetbalweer, maar na de speech en het aanbieden van een bloemenmand door de voorzitter van O.N. kon om ongeveer drie uur worden afgetrapt. De leiding van de wedstrijd lag in handen van scheidsrechter Sonnenberg. Onze jongens waren verplicht om de eerste wedstrijd op dit nieuwe voetbalveld te winnen. De beste spelers werden opgesteld. In de voorhoede: Klement, Borneman, H. en Joh. van Aalderen en ‘zwarte’ Zweers, op het middenveld: Van Loo, Raadsveld en Goris en achterin: Sickman en Zweers ‘van de baron’ en op het doel Smit…Borneman scoort met het hoofd uit een mooie voorzet van Zweers... H.V.C.’s achterhoede is op dreef en ze winnen met 5-4... een erg goed resultaat daar O.N. een poosje geleden DES nog wist te verslaan.

De laatste wedstrijd eindigde in een overwinning van 8-1 op Sparta. Volgens de krant had de partij een onaangenaam verloop doordatRijssenaren niet tegen hun verlies kunnen. H.V.C. supporters gingen ook niet vrijuit. Opmerkingen alsTrap er maar op zouden worden bestraft met een ‘stadionverbod’. Hardenberg eindigde als derde van onderen en R.O.D.A., dat al in het begin van dat seizoen werd opgeheven, werd hekkensluiter.

Op paasmaandag kwamen Sparta Enschede, vorig jaar kampioen van Nederland, Sparta Rijssen, O.N. Almelo, Be Quick Zwolle en Volharding Nijverdal, allen 1e klassers. Het was jammer dat de buurtverenigingen niet mochten deelnemen:het is door de bond verboden. In de finale won Sparta Enschede van Volharding met 2-1. Onder begeleiding van muziek door de heer Hofman werden om zeven uur de prijzen uitgereikt in clubhuis Zweers.

Onderlinge bond

Omdat er na het kampioenschap een toeloop was van leden kon er zelfs een derde elftal worden geformeerd. Met naburige voetbalclubs richtte men een onderlinge bond op, zodat het tweede en derde elftal ook regelmatig konden spelen. Er werd een bestuur gekozen bestaande uit de heren Olsman namens W.I.K. 3 Kloosterhaar, Stegink namens V.V.C. Venebrugge, Snel namens De Zwaluw 3 Gramsbergen, Lubbers namens Excelsior 1 en 2 Baalder en Horsman namens H.V.C. 2 en 3. De laatste werd aangesteld als competitieleider, voor de kampioen stelde men een beker beschikbaar en voor de tweede plaats een medaille. Het tweede elftal van Baalder haakte al snel af. Vaak moest een wedstrijd worden afgelast door slechte velden. Toen bijvoorbeeld het eerste elftal voor het eerst op het nieuwe veld speelde stond het oude onder water en kon het tweede niet spelen. In het voorjaar van 1936 trok ook Zwaluw 3 zich om onduidelijke redenen terug uit de competitie en verloor de resterende wedstrijden reglementair met 5-0.

Seizoen 1936-1937 trainers van Heracles

In de zomer van 1936 werd er serieus getraind onder leiding van de rechtshalf van het eerste van Heracles Almelo. Deze Franciscus Christiaan ‘Frens’ van der Veen was een tweebenige baltovenaar en maakte in 1938 op 19-jarige leeftijd zijn debuut in het Nederlands elftal. In de krant stond dat er tijdens de door hem gegeven training geen publiek werd toegelaten. Na vriendschappelijke wedstrijden tegen bijvoorbeeld een O.V.C.-combinatie uit Ommen werd in juni begonnen aan de nederlaagwedstrijden. B.C.S.V. Borne werd verslagen met 7-3. De trainer had ook meegespeeld en scoorde twee maal, evenals Raadsveld en Van Aalderen, ook Borneman maakte nog een doelpunt. Tijdens die wedstrijden was het gebruikelijk dat de tweede elftallen ook tegen elkaar uitkwamen. Ons tweede verloor…we hebben te kleine spelers.

De laatste nederlaagwedstrijd tegen C.S.V. Zwolle werd met 5-1 verloren. In de krant stond:H.V.C.ers, zo kan het niet langer, denk ook eens aan de donateurs en de supporters, die hun bijdragen niet offeren voor zo’n slap partijtje voetbal, als er in de laatste wedstrijden is laten zien. Van de 5 wedstrijden werd er maar 1 gewonnen, tegen B.C.S.V. uit Borne, een gelijk gespeeld tegen Achilles en 3 verloren. Bedroevend resultaat. Als jullie niet beter spelen wil niemand meer met de wedstrijden meedoen. Hoewel het tweede nog niets heeft gewonnen, werpen zij zich als echte cup-fighters in de strijd. Voor aanvang van de competitie kwam ook Jaarsma, eveneens spelend bij Heracles, de training verzorgen …er was nog veel te leren. Ook werden pogingen ondernomen om een sterke Heracles-combinatie in Hardenberg te krijgen. Bij H.V.C. zouden dan de trainers Van Veen en Jaarsma, beiden uitkomend in het eerste van Heracles Almelo, meespelen.

Ook dit seizoen speelden ze in de 1e klasse. Tegenstanders waren D.E.S. en Volharding Nijverdal, Excelsior '31 en Sparta Rijssen, Vroomshoopse Boys, Oranje Nassau Almelo en Entersche Boys. De competitie begon in oktober met een makkelijke overwinning op Entersche Boys. Daarna werd de moeilijke uitwedstrijd bij Volharding gewonnen. Maar de derde wedstrijd tegen Excelsior, de kampioen van Twente West werd verloren. Het seizoen verliep grillig, Sparta werd met 2-9 geklopt en van Vroomshoop werd dik verloren, maar in het voorjaar werd die nederlaag evenzo dik gewroken. Van D.E.S. had men nog nooit kunnen winnen. Volgens de krant had mijn vader, de rechtsback, hinder van zijn been …maar hij ruimde nog beter op dan anders! Op de eindranglijst werd H.V.C. laatste omdat Entersche Boys en Sparta afhaakten.

Buiten de competitie werd op dankdag vriendschappelijk tegen D.H.V. Den Ham gespeeld. Op goede vrijdag kwam Germanicus Coevorden op bezoek. Er was ook nu weer een prachtige beker te winnen. Op paasmaandag werd aan het grote serietoernooi op de Marsch deelgenomen door Oranje Nassau Sneek, Vroomshoopsche Boys en Sportclub Genemuiden, D.O.S. Kampen en Kloosterhaarse Boys, die bovenaan in de 2e klasse stonden. Om de spelers te laten rusten werd van 3 tot 4 uur een wedstrijd gespeeld tussen de tweede elftallen van H.V.C. en O.N.

19370000_ca_HV08221.tif.jpg
 
Het eerste van H.V.C. circa 1936. Staand v.l.n.r.: Jaap Luten, Hendrik Jan ‘zwarte’ Zweers, Jan Tieman, Lambert Klement, Bats Borneman, Herman van Loo, Frederikus ‘van de baron’ Zweers en Willem Meijer. Bukkend: Jurrie Goris, Bertus Breukelman en Ep van ’t Holt. Knielend: Hendrik Jan ‘van de baron’ Zweers, Klaas Smit en Tonny van Weerden.

 

Seizoen 1937-1938

Voorafgaand aan de competitie speelden het eerste en tweede team nederlaagwedstrijden tegen C.J.V. I en II Deventer, Be Quick I en II Zwolle, Olympia I en II Hasselt, Vitesse I en II Hattem, M.J.V. I en II Meppel, Zwaluwen I en II Leeuwarden en Gazelle I en II Apeldoorn.

Door de C.N.V.B. was intussen besloten om de afdeling Twente Oost en West (afdeling drie en acht) samen te voegen. Zo kon de competitie worden uitgebreid tot elf clubs. Voorzitter van deze nieuwe ‘afdeling Twente’ werd onze plaatsgenoot P. Tieman. Hij was voorzitter geweest van de opgeheven afdeling Oost en werd eveneens gekozen als commissaris in het hoofdbestuur. Door de samenvoeging bleef H.V.C. op het hoogste niveau voetballen, hoewel ze het vorige seizoen onderaan waren geëindigd. Ook voor de voetballiefhebber was deze nieuwe indeling natuurlijk prachtig, maar financieel was het minder leuk. De club kreeg te maken met hoge reiskosten. Om de kas te spekken moest men schiet- en sjoelavonden organiseren.

In de competitie traden ze aan tegen: Sparta Enschede, O.N. Almelo, Achilles Enschede, Sportlust Glanerbrug, Volharding Nijverdal, Excelsior '31 Rijssen, Juliana Hengelo, D.E.S. Nijverdal en Vroomshoopse Boys. De nederlaagwedstrijden waren goed verlopen en ze waanden zich niet kansloos in de competitie. Op 30 oktober schreef de krant dat, hoewel alle drie wedstrijden werden verloren, er over het algemeen niet slecht gespeeld was, tegen Sparta in Enschede zelfs heel goed. Tegen de Nederlands kampioen verliezen met 4-1 was geen schande, temeer omdat H.V.C. na de thee met tien man verder moest. 's Zaterdags moest gespeeld worden tegen het lang niet malse Juliana uit Hengelo en ’s woensdags, op dankdag, vriendschappelijk tegen De Zwaluw. Tegen O.N. werden thuis de eerste winstpunten behaald. Hoewel de reis naar Nijverdal geen punten opleverde, kon men toch op een goede wedstrijd terug zien. Ook al omdat met invallers moest worden gespeeld. Pas in de laatste vijf minuten wist Volharding te scoren. Niet omdat ze beter waren maar door de duisternis kon de bal niet worden weggewerkt zodat H.V.C. twee doelpunten om de oren kreeg. In de krant stond:Zaterdag komen de Vroomshoopsche boys op bezoek en we hopen dat de supporters weer net zo goed zullen aanmoedigen als tegen Oranje Nassau. Na tien wedstrijden stond H.V.C. met vijf punten onderaan. Tegen D.E.S. boekten ze een kleine maar verdiende overwinning 3-2. Hofstede maakte de winnende goal…tegen de wind in van grote afstand onder de lat. Tegen Volharding, die nog kampioensillusies had, werd het 1-1. Het was een erg spannende wedstrijd…H.V.C. speelt beter tegen de wind in. Van Aalderen zette keer op keer zijn jongens aan het werk, Fredriks scoorde. We zijn van de laatste plaats…We lezen dat keeper Dekker in de wedstrijd tegen Juliana moest vissen en dat tegen Achilles aanvoerder Van Aalderen een zware taak wachtte. We zien dat Luisman meespeelde in de verloren wedstrijd tegen Vroomshoop. Na 18 gespeelde partijen werd Sparta Enschede kampioen met 27 punten en H.V.C. eindigde als laatste.

In april was er op paasmaandag weer ‘grote sportdag’. Dit gebeuren trok steeds meer bezoekers en werd elk jaar meer op prijs gesteld. Dit jaar werd het iets bijzonders want de christelijke gymnastiekvereniging D.E.V. uit Borne kwam met 60 dames en heren een grote demonstratie geven van knotsoefeningen, hoge brug enzovoort. ’s Avonds traden de gymnasten ook nog op in de Bewaarschool. Deelnemende voetbalverenigingen waren Blauw Wit I en II uit Huizum bij Leeuwarden, B.C.S.V. Borne en Blauw Wit uit Dinxperlo. Vooraf was er een optocht van deelnemende verenigingen in clubtenue en de ‘muziek met geluidsversterker’ werd verzorgd door elektro installateur W. Hofman. Het weer liet wat te wensen over maar de uitgeloofde beker kwam in het bezit van H.V.C. II dat won van Huizum II. De eerste prijs bleef eveneens in Hardenberg, de tweede ging naar Dinxperlo, de derde naar Huizum en de vierde naar Borne.

Seizoen 1938 een valse start en herstart

19390000_ca_jubileumboek HHC_HVC.tif.jpg
Deze foto werd rond 1939 gemaakt door fotograaf Van Grieken. Staand v.l.n.r.: Herman Sickman, Frederikus Zweers, Johan Borneman, H.J. Zweers H.Jzn., Jan Tieman, Wim Raadsveld, Bertus Borneman, Willem Meyer, Gerrit Horsman en Hendrik Jan Breukelman. Middelste rij: Jurrie Goris, Lambert Klement en Bertus Breukelman. Voorste rij: H.J. Zweers Azn., Jaap Luten en Tonny van Weerden.

In februari was er al een dringend verzoek gekomen van dokter Boom, voorzitter van de sportcommissie, om de huur van 1937 over te maken. Wanneer dat voor mei niet was gebeurd, dan zou hen de toegang tot het terrein worden ontzegd. In juni kwam veldwachter Sebel met het bericht dat ze niet meer van het voetbalveld gebruik mochten maken. Secretaris G. Horsman reageerde direct per brief. Hij had al een regeling getroffen met de sportcommissie, maar helaas had de sportdag op paasmaandag een nadelig saldo opgeleverd, vanwege het slechte weer. Hij beloofde dat, nadat in augustus het donateursgeld was opgehaald, ze direct zouden betalen...mochten we dan niet betaald hebben, dan kunt u ons direct de toegang weer weigeren. De gemeente hield voet bij stuk, het voetbalterrein werd niet vrij gegeven voordat de verschuldigde 50 gulden huur was betaald. Om uit de malaise te komen was er intussen bij H.V.C. een bijna geheel nieuw bestuur aangetreden, bestaande uit de heren J.H. Borneman, voorzitter, G. Horsman, secretaris, Th. Stad, penningmeester, Joh. Borneman en D. Teunis. Eveneens werd de club omgezet in een christelijke vereniging, dit ook op verzoek van de C.N.V.B. De heer Veldkamp bedankte als voorzitter, onder meer omdat hij niet akkoord kon gaan met de omzetting naar een christelijk verband. Volgens secretaris Horsman had deze voorzitter ook nooit zijn volle kracht voor de voetbal kunnen of willen geven. Het nieuwe bestuur zou proberen om leden ‘van beide richtingen’ te werven, wat voordien haast niet mogelijk was. Ze beloofden om alles in goede banen te leiden en verzochten nog even geduld. Volgens hen konden ze rekenen op volledige steun van hun oud-voorzitter P. Tieman. Deze was nu behalve voorzitter van de afdeling Twente o.a. ook voorzitter van de plaatselijke gymnastiekvereniging D.O.S. Bovendien zou hoogstwaarschijnlijk in Nijverdal een sportdag worden georganiseerd waarvan de opbrengst ten goede kwam aan H.V.C.…nogmaals verzoeken wij dus om toestemming voor het weder in gebruik nemen van het sportterrein. Gaarne omgaand even bericht, zoodat de jongens weer kunnen oefenen.

Op 24 september verscheen echter een annonce in de krant. Iedereen die nog iets te vorderen had vande oude voetbalvereeniging H.V.C. werd verzocht hiervan voor 1 oktober opgave te doen bij de heer Sonnenberg aan de Gramsbergerweg. Na die datum werden geen rekeningen meer aangenomen. Gelukkig lezen we in dezelfde krant een klein berichtje waarin vermeld werd dat er, aanvankelijk met twintig leden, een nieuwe voetbalclub was opgericht. Voorzitter ervan was H. Vinke, verdere bestuurleden waren D.J. Makkinga, A. Meijer, A.G. Sonnenberg en Joh. Wamelink.

De nieuwe club H.V.C. kwam dat jaar uit in de 2e klasse A. Er werd gespeeld tegen D.O.S. Vriezenveen, Volharding II Nijverdal, D.V.V. Daarlerveen, Excelsior '31 II Rijssen, O.N. II Almelo, D.E.S. II Nijverdal en Volharding III Nijverdal. Na 14 gespeelde wedstrijden was D.O.S. kampioen met 25 punten en H.V.C. tweede met 18 punten.

In april 1939 speelde H.V.C. de jubileumwedstrijd tegen ‘De Zwaluw’, dat haar tienjarig bestaan vierde. Ze verloren in Gramsbergen met 3-1… maar ’s avonds werd er feest gevierd in café Kamphuis aldaar.

1939 mobilisatie

Evenals op andere plaatsen verkeerde ook onze voetbalclub in moeilijke omstandigheden. Het bestuur lukte het nog om de kas, die in een berooide toestand verkeerde, weer op peil te brengen. Maar in augustus bleek dat bij wedstrijden herhaaldelijk te weinig spelers in het veld stonden en men toeschouwers moest laten meedoen om een compleet elftal te krijgen. De elftalcommissie en het bestuur kregen er schoon genoeg van en ze besloten het bijltje er bij neer te gooien. Op aandrang van enkele leden werd alsnog een vergadering belegd om te proberen H.V.C. voor Hardenberg te behouden.

19390901_HVC.tif
Dringende oproep voor de vergadering op 1 september 1939.

Wat er in de vergadering is besproken weten we niet. Het was ook niet meer belangrijk want op maandagmiddag kreeg men ook in Hardenberg dat te horen, wat al enkele dagen in de lucht hing: het mobilisatiebevel werd uitgevaardigd. Tot middernacht werd op de straten over de internationale toestand gepraat. De volgende morgen moesten veel dienstplichtigen, waaronder voetballers, onder de wapenen komen. Alle paarden, die waren gevorderd, werden op het voetbalveld gestald tot ze, net zoals de voetballers, op de trein werden gezet. Door deze omstandigheden was er natuurlijk weinig meer te kiezen. De voetbalcompetities werden stilgelegd.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd natuurlijk nog wel eens een balletje getrapt. Zo deed H.V.C. in 1944 buiten mededingen mee aan een sterk bezet paastoernooi in Ommen, Hardenberg verloor daar van W.F.V. met 3-1.

Direct na de bevrijding speelde H.V.C. tegen De Zwaluw. Volgens de krant moest er door beide elftallen nog flink geoefend worden om het peil van enige jaren geleden te bereiken. Verder werd in die eerste maanden gespeeld tegen clubs als R.O.D.A. Bergentheim, D.V.C. Dedemsvaart, M.V.C. Mariënberg, De Krim, Heemse en Radewijk. Naast het eerste en tweede werd ook volop gespeeld door de aspiranten en zelfs de veteranen kwamen in actie tegen die van Gramsbergen.

In juli werd onder meer tweemaal tegen een Engels elftal gespeeld. Deze Engelsen waren gelegerd in Duits Wielen, Laar en Ommen. De belangstelling voor de wedstrijden was groot. Bij een van de wedstrijden werd zelfs de aftrap verricht door burgemeester Van Oorschot, nadat de muziekverenigingen de volksliederen hadden gespeeld. Ook kwamen ze in actie tegen de grenswachtcompagnie van Oldenzaal en bewakers van kamp Erica uit Ommen; er waren benefietwedstrijden voor het oranjecomité en de H.A.R.K. (hulpactie Rode Kruis).

19450800_HVC_HARK.tif
            De toegang moest worden betaald met een gebruiksvoorwerp.

In de naoorlogse competities speelden bij H.V.C. voetballers als Borneman, Resink, Hultink en Brunink. Het duurde nog negen jaar voordat men op 1 juni 1954 fuseerde met de voetbalafdeling van de Heemser sportvereniging, bestaande uit een korfbal- en voetbalclub. Bij H.S.V. speelden onder anderen in de afdeling voetbal: Gerard Meijer, Herman Brokelman, J.A. Buseman, Bertus Kerkdijk, Herman Hofsink, Gerrit Jan Kerkdijk, Henk Hamhuis, Hendrik Brunink, Gerrit Jan Miskotte, Jan Smit, Gerrit Pot en Gerard Dorgelo.

Onder de naam Hardenberg Heemse Combinatie verruilden ze in juni 1970 het - in februari 1936 in gebruik genomen - voetbalveld ‘De Marsch’ aan de J.H. Prengerlaan voor ‘De Boshoek’ in Heemse. Met het bereiken van de topklasse werd als herkenning 'Hardenberg' aan de naam toegevoegd.

De kleuren van H.H.C. Hardenberg zijn oranje-zwart...
                   ...en die kleuren dragen we diep in ons hart