Archieven: 2016-04-12

Toen, op 12 april 1960: diamanten bruiloft in Rheezerveen.

Winkels te Rheezerveen

Op de door ds. E.J. Loor gemaakte kleurendia is het echtpaar te zien, leunend tegen de voorgevel van hun bescheiden huisje op ‘het veen’. Enkele maanden later, in februari 1961, overleed Jan Winkels op 88-jarige leeftijd.

Op 12 april 1960 vierden Jan Winkels en Willemina Roelofs dat ze zestig jaar daarvoor, op 12 april 1900, in het huwelijksbootje waren gestapt. Het Salland’s Volksblad schreef over hen:

“Ruim 400 meter van de weg die zich slingert door het wijde landschap van de buurtschap Rheezerveen, staat de eenvoudige woning van de fam. Winkels-Roelofs. Zij staat er temidden van opgaand geboomte zoals vogelkers, berken en enkele sparren. Men kan er niet komen dan via een hobbelige zandweg met diepe kuilen en plassen. Binnen in de woonkamer heeft het echtpaar het royale uitzicht over de Rheezerveense landerijen, waarop de boeren bezig zijn met aardappelpoten. Met een kennersblik gluurt de oude Winkels door de ramen en zegt in zichzelf gekeerd: ‘Dat was vroeger anders, toen werden ze met de schop en hak gepoot’. Weemoedig kijkt hij door de kleine ramen waarvan het uitzicht af en toe belemmerd wordt door een op en neer wiegende tak. Ze zijn gaarne tot praten bereid. Hun leven heeft zich gekenmerkt door hard werken en vroeg opstaan. Een sober bestaan in de venen.

Met hun zwaar verdiende geld kochten zij ’n boerderijtje in Rheezerveen. Voordien woonden zij enige tijd in de gemeente Avereest aan het Ommerkanaal. Jan Winkels, zo wordt hij in de dagelijkse omgang genoemd, werd in Dedemsvaart geboren op 11 oktober 1872. De bruid aanschouwde het levenslicht op 21 januari 1877 te Rheezerveen. Te voet aanvaardden zij de tocht naar het gemeentehuis in Ommen, alwaar zij in de echt werden verbonden. Ongeveer 15km van hun woonplaats verwijderd. Iedere week fietst hij nog naar Hardenberg. Uit hun huwelijk zijn 5 kinderen geboren: twee jongens en een meisje zijn nog in leven. Veel ziekte hebben deze krasse echtgenoten niet meegemaakt, al zijn hun de stormen van het leven niet onopgemerkt voorbij gegaan. Dankbaar zijn ze echter voor hun hoge ouderdom. Ze konden dinsdag 12 april op een dankbare en rijk gezegende dag terug zien.”


Toen, op 08 april 1936: de Hardenberger Schaakclub.


In De Vechtstreek van 4 april 1936 verscheen deze advertentie:
“Alle schakers en dammers uit deze omgeving en allen die schaker of dammer willen worden, al kunnen zij nog niet spelen, worden vriendelijk uitgenodigd de vergadering welke gehouden wordt op woensdag 8 april a.s. des avonds te 8 uur in het Lokaal bij de Ned. Herv. Kerk te Heemse bij te wonen. De contributie zal zeer laag zijn, jonge lieden zonder eigen inkomsten en meerdere leden uit een gezin zullen een minimum contributie betalen. Aan beginners wordt gratis onderricht gegeven. De voorlopige commissie: Ds. Warmolts (Heemse), Th. Stad (Heemse) en H.A. Kramer (Hardenberg).

Dat het tot de daadwerkelijke oprichting kwam, blijkt weer uit een bericht in de Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant. Onderwijzer Antonie Hendrik Kelderman was benoemd tot voorzitter. Onderwijzer Zwier Groothuismink werd secretaris en landbouwer Thijs Stad completeerde het dagelijks bestuur als penningmeester.

Mogelijk was de combinatie van dammen en schaken binnen één club geen ideale, want nog datzelfde jaar meldde De Vechtstreek op 5 december:
“Er is hier opgericht de Schaakclub Hardenberg en Omstreken, met aanvankelijk 15 leden. Het bestuur bestaat uit de heren Schut (voorzitter), A.H. Kelderman (secretaris) en Th. Stad (penningm.). De leden zullen zich, voorlopig bij particulieren aan huis, 1 maal per week oefenen. De bedoeling is zich 1 januari a.s. aan te sluiten bij den Nederlandsche Schaakbond. Toetreding van nieuwe leden is mogelijk, ja zal zeer op prijs worden gesteld, zoals ons werd verzekerd”.

Het jaar erop, in 1937, zou de naam wijzigen in ‘Schaakclub Hardenberg-Heemse’. De club sloot zich toen aan bij de Twentsche Schaakbond. In 1946 ontving de schaakclub niemand minder dan de Nederlandse grootmeester dr. Max Euwe. Hij gaf op 30 september in Hardenberg een simultaanseance in het Gebouw voor Christelijke Belangen.

In 1968 vierde de club, met leden uit heel Noordoost Overijssel, het dertig-jarig bestaan. Het Noord-Oosten schreef toen: “Hoewel de juiste datum niet meer viel te achterhalen, staat wel vast dat de vereniging in dat jaar door enkele verwoede schakers werd opgericht. De vereniging leidde al die jaren, zoals het schakers behoort, een rustig en weinig opvallend bestaan, waarbij men wekelijks in zaal Koeslag bij elkaar kwam om zich in de schaaksport te bekwamen. De Hardenbergse schakers blijken niet zulke beste organisators te zijn geweest, want een officiële vereniging is de club nooit geweest. Zo heeft men nog altijd geen statuten. Ook is de geschiedenis nooit bijgehouden, al staat wel vast dat de oprichters waren dokter Mooy uit Gramsbergen, wijlen dierenarts De Nooy (over zijn schaaktalent wordt nog steeds met eerbied gesproken), onderwijzer Kelderman, de heer Kramer van de belastingdienst, de heer E. Smit die pas drie jaar geleden het schaken eraan heeft gegeven en wijlen notaris Schut. Een illuster gezelschap dus. De club speelde altijd in de 2e klasse van de TSB, maar maakte de laatste jaren, o.a. dankzij de komst van de talentvolle ir. Heutink, een grote opleving door, waardoor men naar de eerste klas promoveerde, zich wist te handhaven en dit jaar zelfs kampioen werd”.

Eerder dit jaar vierde de Schaakvereniging Hardenberg al het 80-jarig bestaan. Men heeft zich nu kennelijk gebaseerd op de vroegste oprichtingsdatum, de 8ste april 1936, en voor lief genomen dat de club vanaf het prille begin ook plek bood aan de liefhebbers van de damsport. De festiviteiten in 1968 waren dus, achteraf bezien, toch echt twee jaar te laat georganiseerd…


Toen, op 6 april 1945: bevrijding met een rouwrand.

oorlog
Vechtbrug in Hardenberg.

Hardenberg werd op vrijdag 6 april 1945 bevrijd door geallieerde eenheden die vanuit oostelijke richting, dus vanuit Duitsland, naar Zuid-Drenthe en Oost-Overijssel oprukten. In Heemse zaten toen nog Duitse soldaten. Om hen te verdrijven trokken op 6 april Canadezen met hun pantserwagens vanuit Hardenberg naar Gramsbergen om via de Haardijk Heemse te bereiken. Die omweg was noodzakelijk omdat de Duitsers de brug over de Vecht hadden opgeblazen.

Lees meer