Op heeden den twaalfden october 1812, des avonds om agt
uren, ten huize van Derk Odink, kastelein, woonende op den Rustenbergh te
Heemse, in dit kanton en in tegenwoordigheid van dezelve Derk Odink en van Jan
Odink, postmeester der paardenposterij te Hardenbergh, meede aldaar
woonachtigh, als hiertoe expresselijk verzochtte getuigen, hebben wij Antoni
van Riemsdijk, keizerlijk notaris, resideerende te Hardenbergh, kanton
Hardenbergh, arrondissement Deventer, departement der Monden van den Yssel,
publijk ten verzoeke van Hendrikus Kragt, landbouwer wonende te Rheeze, in dit
kanton in nr. 9, ten verkoope geveild het nabenoemde stuk zaailand, te Rheeze
voormeld geleegen. Een stuk zaailand, genaamd de Oude of Groote Revelink, groot
ongeveer negenenveertigh ares, zeshonderdvijfenzeventigh en een halve milliare
(zeven schepels), tiendbaar, gelegen in den zogenaamden Grooten Esch te Rheeze
tussen de landen van Lubbert Stoeten en van Gerhardus Veurink. De verkoop is
niet doorgegaan.