Op heeden den zesden maart 1815, des agtermiddags om twee
uuren, ten huize van Berendina Rustenbergh, weduwe van wijlen Derk Odink,
logementhoudersche, wonende op den Rustenbergh te Heemse, gemeente Hardenbergh,
in tegenwoordigheid van den heer Roelof van Langen, gepensioneerd luitenant, en
van Frederik Zweers, timmerman, beide wonend ter Steede Hardenbergh, als
hiertoe expresselijk verzochtte getuigen, hebben wij Antoni van Riemsdijk,
openbaar notaris, resideerende ter Steede Hardenbergh voormeld, gemeente en
kanton van dien naam, arrondissement Deveneter, provincie Overijssel, ten
verzoeke van Lubbert Stoeten, landbouwer, wonende te Rheeze in deeze gemeente,
publiek aan de meestbiedende verkogt de hier nagenoemde vaste goederen, alle
gelegen te Rheeze voorschreven in den Grooten Esch aldaar:

1e parceel:

De Noordkamp, geleegen
tusschen de landen van Hannes Heersmink en Jan Koerts Berendszoon, door heeren
repartiteurs begroot op een mudde gezaaij en in huurwaarde aangeslagen op drie
gulden twaalf stuivers jaarlijks. De inzaate is bepaald op een gulden, de
wijnkoop op vijftien stuivers, het armgeld op acht stuivers en het
afslagersgeld op twaalf stuivers. Is ingezet door Jan Stoeten te Rheeze voor
128 guldens. Dezelve heeft gehoogt twee guldens. Jan Warmink te Rheeze heeft
gehoogt tien guldens. En heeft vervolgens Harm Timmerman te Rheeze dit parceel
afslag gemijnd voor 144 guldens.

2e parceel:

De Vuile Stukjes, geleegen
tusschen de landen van Hannes Heersmink, door heeren repartiteurs begroot op
drie schepels gezaaij en in huurwaarde aangeslagen op twee guldens en veertien
stuivers jaarlijks. De inzate is bepaald op aggtien stuivers, de wijnkoop op
vijftien stuivers, het armgeld op agt stuivers en het afslagersgeld op twaalf
stuivers. Is ingezet door Jannes Scholten te Rheeze voor 103 guldens. Dezelve
heeft gehoogt vijf guldens. Jan Warmink te Rheeze heeft gehoogt met tien
guldens. En heeft vervolgens Jan Koerts Berendszoon te Rheeze dit parceel bij
den afslag gemijnd voor 127 guldens.

3e parceel:

De Kerkbree, tusschen de
landen van Herm Timmerman en den heere Jacob van Foreest, door heeren
repartiteurs begroot op anderhalf mudde gezaaij en in huurwaarde aangeslagen op
vijf guldens en agt stuivers jaarlijks. De inzate is bepaald op agttien
stuivers, de wijnkoop op vijftien stuivers, het armgeld op agt stuivers en het
afslagersgeld op twaalf stuivers. Is ingezet door Jannes Stoeten te Rheeze voor
126 guldens. Dezelfde heeft gehoogt met vier guldens. Jan Oldemeijer te Rheeze
heeft gehoogt met tien guldens. En heeft vervolgens Jan Stoeten te Rheeze dit
parceel bij den afslag gemijnd voor 145 guldens.

4e parceel:

Het Nijëland, geleegen ten
westen het land van Hannes Heersmink, met het daarbij staande schapeschot,
hetwelk met primo januari 1816 zal kunnen worden aanvaard en tot daartoe voor
perikel en risico van verkoop staat, dit parceel is door heeren repartiteurs
begroot op een mudde gezaaij en in huurwaarde aangeslagen op twee guldens en
twaalf stuivers jaarlijks. De inzate is bepaald op een gulden en vijf stuivers,
de wijnkoop op een gulden, het armgeld op twaalf stuivers en het afslagersgeld
op zestien stuivers. Is ingezet door Jannes Scholten te Rheeze voor 130
guldens. En heeft vervolgens Harm Timmerman te Rheeze voormeld dit parceel bij
den afslag gemijnd voor 135 guldens.

5e parceel:

De Hartkamp of Stadskamp,
geleegen tusschen het land van Hillegien Scholten, weduwe Veurink en de
publieke weg, door heeren repartiteurs begroot op een half schepel gezaaij en
in huurwaarde aangeslaagen voor zeven stuivers jaarlijks. De inzate is bepaald
op agt stuivers, de wijnkoop op zes stuivers, het armgeld op twee stuivers en
het afslagersgeld op vier stuivers. Is ingezet door Jan Oldemeijer te Rheeze
voor 15 guldens en 11 stuivers. Dezelfde heeft gehoogt met vier guldens en negen
stuivers. En heeft vervolgens Jan Stoeten te Rheeze dit parceel bij de afslag
gemijnd voor 25 guldens.

6e parceel:

Het Teystukjen, geleegen
tusschen de landen van den heer Christiaan Lodewijk graaf van Rechteren en
Jannes Stoeten, door heeren repartiteurs begroot op een schepel gezaaij en in
huurwaarde aangeslagen op dertien stuivers jaarlijks. Is ingezet door Derk
Weelink te Rheeze voor 36 guldens. Dezelfde heeft gehoogd met een gulden en
negen stuivers. En heeft vervolgens Jannes Stoeten te Rheeze dit parceel den
afslag gemijnd voor 42 guldens.

7e parceel:

Het Bergjen, geleegen ten
oosten het land van Jannes Schotlen, door heeren repartiteurs begroot op een en
een half schepel gezaaij, de huurwaarde aangeslagen op negentien stuivers en
agt penningen jaarlijksch.

Is ingezet door Berend Koerts te Rheeze voor 70 guldens. En
heeft vervolgens dezelve dit perceel bij de afslag gemijnd voor 70 guldens.

8e parceel:

De Weglange, geleegen
tusschen de landen van Jannes Scholten en den heere Christiaan Lodewijk grave
van Rechteren, door heeren repartiteurs begroot op drie schepel gezaaij en in
huurwaarde aangeslagen op twee gulden en veertien stuivers jaarlijks. Is
ingezet door Jan Oldemeijer te Rheeze voor 115 guldens en 11 stuivers. Jannes
Scholten te Rheeze heeft gehoogd met 4 guldens en 19 stuivers. Jan Oldemeijer
hoogt nog met 10 guldens. En heeft vervolgens Hendrik Jan Kampman te Rheeze dit
parceel bij de afslag gemijnd voor 146 guldens.

9e parceel:

Het hooge Uurland, geleegen
tusschen de landen van de weduwe Scholten en Jan Koerts Berendszoon, door
heeren repartiteurs begroot op een en een half schepel gezaaij en in huuwaarde
aangeslagen op een gulden en zeven stuivers jaarlijks. Is ingezet door Gerrit
Jan Scholten te Rheeze voor 75 guldens en 15 stuivers. Jan Warmink te Rheeze
heeft gehoogt met vijf guldens en vijf stuivers. En heeft vervolgens Gerrit Jan
Scholten dit parceel bij den afslag gemijnd voor 83 guldens.

10e parceel:
Het lage Uurland, gelegen tuschen de landen van
de weduwe Scholten en Jan Koerts Berendszoon, door heeren repartiteurs begroot
op een en een half schepel gezaaij en in huurwaarde aangeslagen op een gulden
en zeven stuivers jaarlijks. Is ingezet door Gerrit Jan Scholten voor 74
guldens en 15 stuivers. En heeft vervolgens dezelve dit parceel bij den afslag
gemijnd voor 74 guldens en 15 stuivers.

11e parceel:

Den Revelink, geleegen
tusschen de landen van Jan Warmink en Jan Koerts Berendszoon, door heeren
repartiteurs begroot op drie en een half schepel gezaaij en in huurwaarde
aangeslagen op twee guldens en agt penningen jaarlijks. Is ingezet door Jannes
Scholten te Rheeze voor 141 guldens. En heeft vervolgens dezelve dit parceel
bij den afslag gemijnd voor 141 guldens.

12e parceel:

Het Gruppestukjen, gelegen
tusschen de landen van de weduwe Scholten en Jan Koerts Berendszoon, door
heeren repartiteurs begroot op een schepel gezaaij en in huurwaarde aangeslagen
op agttien stuivers ‘sjaarlijks. Is ingezet door Jannes Scholten te Rheeze voor
35 guldens. Harm Timmerman te Rheeze heeft gehoogd met zes guldens. En heeft
vervolgens Jan Stoeten te Rheeze dit parceel bij den afslag gemijnd voor 42
guldens.

13e parceel:

De Veldbraake, gelegen
tusschen de landen van de heer Christiaan Lodewijk grave van Rechteren en Derk
Weelink, door heeren repartiteurs begroot op een schepel en drie spind gezaaij
en in huurwaarde aangeslagen op negentien stuivers en acht penningen
‘sjaarlijks. Is ingezet door Jan Warmink te Rheeze voor 65 guldens en 10
stuivers. Harm Timmerman heeft gehoogd met 6 guldens en 10 stuivers. En heeft
vervolgens Derk Weelink te Rheeze dit parceel bij den afslag gemijnd voor 81
guldens.

14e parceel:

De Koele met het halve
Plaggenland daarnaast, geleegen tusschen de landen van Jan Warmink en de heere
Jacob van Foreest, door heeren repartiteurs begroot op twee spind gezaaij en in
huurwaarde aangeslagen op negen stuivers jaarlijks. Is ingezet door Jan Stoeten
voor 35 guldens. En is vervolgens dit stuk bij den afslag verbleeven voor
denzelven Jan Stoeten op 35 guldens.

15e parceel:

De Koele met het ander halve
Plaggeland geleegen tusschen landen van Willem Brinkjan te Baalder en de weduwe
Scholten te Rheeze, door heeren repartiteurs begroot op drie spind gezaaij en
in huurwaarde aangeslagen op dertien stuivers en agt penningen jaarlijks. Is
ingezet door Jannes Stoeten voor 38 guldens. En vervolgens is dit parcel bij
den afslag verbleven voor den zelven Jan Stoeten voor 38 guldens.

16e parceel:

Het Vechtstukjen tusschen de
landen van Jannes Heersmink te Rheeze en Jan Odink te Heemse; door heeren
repartiteurs begroot op twee spind gezaaij en in huurwaarde aangeslagen op
negen stuivers jaarlijks. Is ingezet door Derk Weelink te Rheeze voor 6 guldens
en 11 stuivers. Dezelve heeft gehoogd 2 guldens en 9 stuivers. En heeft
vervolgens Derk Weelink te Rheeze dit perceel bij den afslag gemijnd voor 13
guldens.

17e parceel

Een vierde dagwerk groenland in het Ruimhoekjen,
door heeren repartiteurs aangeslagen op eene huurwaarde van vijftien stuivers
jaarlijks. Is ingezet door Jan Oldemeijer te Reehze voor 68 guldens en 11
stuivers. Dezelve heeft gehoogd 3 guldens en 9 stuivers. En heeft vervolgens
dezelve dit parceel bij den afslag voor 74 guldens gemijnd.