grafkelder

Grafkelder Familie Schuite
Hier rust
Bouke Albert Schuite
burgemeester van Stad Hardenberg
geboren op 6 februari 1888 te Haulerwijk (gem. Ooststellingwerf), overleden op 21 februari 1931 te Stad Hardenberg en begraven op 26 februari, oud 43 jaar, zoon van rijksveldwachter Albert Schuite en Pietje de Haan
Albert Johan Willem Schuite
gemeentesecretaris van Genemuiden
geboren op 13 april 1919 te Stad Hardenberg, overleden te Zwolle op 15 januari 1946, oud 26 jaar
Herman Hendrik Schuite
geboren op 25 mei 1930 te Apeldoorn en aldaar overleden op 7 oktober 1946, oud 16 jaar
begraafplaats Bruchterweg | grafnummers 001 t/m 003 | oostzijde | bloknummer 05


Bauke Schuite (zie geboorteakte) trouwde op 30 september 1915 in het stadhuis van Hardenberg met Georgenetta Antonia Rudolphina Boerrigter. Uit hun huwelijk werden 4 kinderen geboren:
- Willemina Cornelia Johanna (Willy) Schuite, geboren op 4 november 1917 te Stad Hardenberg, trouwde met Jan Willem Raadsveld en overleed op 19 september 2010 te Heerde, oud 92 jaar
- Albert Johan Willem (Albert) Schuite, geboren op 13 april 1919 te Stad Hardenberg, trouwde op 10 december 1942 te Hardenberg met Klaasje Lennips en overleed op 15 januari 1946 te Zwolle, oud 26 jaar
- Jan Willem Piet Schuite, geboren op 27 december 1920 te Stad Hardenberg en overleden op 5 december 1928 aldaar, oud 7 jaar
- Pietje Anna Johanna (Peta) Schuite, geboren op 24 september 1922 te Stad Hardenberg, trouwde met Gerardus Hendrik Noor en overleed op 24 oktober 2009 te Deventer, oud 87 jaar
Na het overlijden van zijn jonge echtgenote, hertrouwde Bauke Schuite op 20 oktober 1926 te Apeldoorn met Willemina Catharina Kroes. Uit dit huwelijk werden 2 kinderen geboren:
- Herman Hendrik Schuite, geboren op 5 juli 1927 te Stad Hardenberg en overleden aldaar op 14 maart 1929, oud 1 jaar
- Herman Hendrik Schuite, geboren op 25 mei 1930 te Apeldoorn en overleden aldaar op 7 oktober 1946, oud 16 jaar


Nieuwe Dedemsvaartsche Courant, d.d. 27-02-1931:
Burgemeester Schuite is niet meer. Zaterdagavond is hij, na geruimen tijd op het ziekbed gelegen te hebben, heengegaan. En de hoop, die onlangs door weth. Wamelink op de raadsvergadering werd uitgesproken, dat de burgemeester spoedig weder hersteld mocht zijn, is helaas niet verwezenlijkt. Burgemeester Bouke Alberts Schuite begon zijn loopbaan als volontair ter secretarie te Oldemarkt. Daarna was hij als ambtenaar ter secretarie werkzaam te Ambt Hardenberg, tot hij wegens benoeming van den toenmaligen secretaris, den heer Jouwstra tot burgemeester van Bedum, dezen als zoodanig opvolgde. In juni 1922 werd hij burgemeester van Stad-Hardenberg in de plaats van den heer Bloem. De overledene was de 6e dezer 43 jaar geworden. In de jaren dat de heer Schuite als burgemeester werkzaam was, heeft hij de liefde en hoogachting der gemeentenaren weten te verwerven. Hij deed zich kennen als een bekwaam bestuurder en onder zijn leiding is de gemeente wel zeer tot bloei gekomen. Voortvarend als hij was, heeft hij voor de gemeente menige goede zaak mogen tot stand brengen. Het uiterlijke van de plaats – ieder zal dit moeten toestemmen – onderging een niet geringe wijziging en verbetering, ja zelfs kan men van verfraaiing spreken. En had de Heere hem in het leven gespaard, dan was er nog veel van hem te verwachten geweest. Daarbij leefde hij in alles met de gemeentenaren mede. Vereenigingen die zich beijverden om den naam van Hardenberg met eere ook naar buiten uit te dragen, konden op zijn steun en sympathie rekenen. Zoo was er een hartelijke verhouding ontstaan tusschen burgemeester en bevolking. Hoe ook geëerd en geliefd – toch is het leven van den heer Schuite niet enkel voorspoed geweest. Veel leede heeft hij in zijn korte leven moeten ondervinden. Herhaaldelijk trad de dood zijn woning binnen en op smartelijke wijze soms ontvielen hem zijn dierbaren. Dat dit voor een gevoelige natuur als de zijne, diepe lidteekenen achterliet, is te begrijpen. En toen dan ook bij alle deze dingen nog een eigen lichamelijk lijden zich voegde, was het al spoedig te zien, en velen zeiden het: onze burgemeester is de oude niet meer, en daarbij kwam de bange vraag: zal hij wel ooit weer de oude, krachtige man van vroeger worden? Burgemeester Schuite is niet meer. Zijne weduwe drukt het aldus uit in de kennisgeving: De Heere nam hem tot Zich. Rijke troost voor haar en voor allen die den heer Schuite kenden en hoogachtten. De Heere nam hem tot Zich. Dat wil zeggen, dáár waar niemand ooit meer zal zeggen: ik ben ziek en waar alle tranen van de oogen zullen worden afgewischt. God de Heere ontferme Zich over zijn gezin.
Donderdagmiddag hebben we onzen burgemeester begraven. Het was een droeve dag. De wind huilde over den doodenakker en felle regenvlagen striemden ons in het gelaat. Vanuit het sterfhuis op den Kanaalweg werd het lijk door de stad gevoerd. Monotoon luidde de torenklik en de vensters der huizen waren gesloten… Via Voorstraat, Wilhelminastraat en Fortuinstraat trok de rouwstoet naar het nieuwe kerkhof aan den Bruchterweg, waar een grafkelder was gebouwd. Een lange file auto’s en zeer vele ingezetenen bewezen den hooggeachten gestorvene de laatste eer. De baar was bedekt met vele kransen. Wanneer de baar is neergezet, neemt wethouder Wamelink, locoburgemeester, het woord. Drie maal, zegt spreker, hebben we met den burgemeester dezen weg bewandeld om een stuk van zijn leven heen te dragen naar het graf. Nu is het de laatste keer, de heer Schuite zelf hebben we verloren. En naar onze meening is hij te vroeg weggenomen uit ons midden. Heden brengen we hem de laatste eer en staan we bij de donkere groeve waarin zijn stof wordt neergelaten. We hebben allen van hem gehouden. Want veel heeft hij voor Hardenberg gedaan. We hebben hem gekend met zijn groote deugden. Hoe heeft de burgervader zich verheugd over den bloei der gemeente! En die bloei was te danken aan zijn initiatief, durf en doorzettingsvermorgen. “Ik houd zoo van dit stadje en van deze menschen”, zoo heeft de burgemeester eens getuigd ten spreker. En dit was de waarheid. De markten, de schepen, het on-ontgonnen veld – hoe groot was zijn belangstelling daarvoor. Zijn karakter was heerlijk onevenwichtig, zou spreker willen zeggen. Hij was als een Aprildag, soms kon een bui komen opzetten, maar altijd weer won het de zon. Zoo hebben we genoten van hem, wiens hart goed was en ruim. We zullen hem missen en – eeren, die zijn plicht heeft verstaan en gedaan. Tenslotte zich wendende tot de familie van den overledene zegt spreker: “Mevrouw. Vier jaar geleden hebben we u begroet als de vrouw van onzen burgemeester. Toen was alles blijheid, en nu is alles droevenis. Gij lijdt smartelijk, maar laat u het weten, de menschen lijden met u mee“.
Overijsselsch Dagblad, d.d. 27-02-1931:
Begrafenis Burgemeester Schuite. Onder enorme belangstelling had donderdagmiddag de ter aardebestelling plaats van het stoffelijk overschot van wijlen den heer B.A. Schuite, in leven burgemeester van Stad-Hardenberg. In 12 groote volgauto’s waren de familie, de raadsleden en de gemeenteambtenaren gezeten. De droeve stoet ging door enkele straten van Hardenberg en hield een oogenblik halt voor het stadhuis, de werkplaats van den overledene, waar bloemen op de kist werden gelegd. Op de nieuwe begraafplaats aangekomen was de belangstelling buitengewoon groot. De regen viel bij stroomen neer en tengevolge daarvan zagen verschillende sprekers, o.a. de burgemeester van Ambt-Hardenberg, die van Gramsbergen, de heer Prins, de heer Luten en ook ds. Hoek van het voeren van het woord af en werd hier alleen het woord gevoerd door den locoburgemeester den heer P. Wamelink. In keurige woorden schetste de heer Wamelink den persoon van den overledene om ten slotte in treffende woorden van troost zich te richten tot mevrouw Schuite en de kinderen. De echtgenoote en de kinderen strooiden bloemen terwijl een familielid dank bracht voor de eer aan den doode bewezen. Diep onder den indruk verlieten allen den doodakker.
Bauke Alberts Schuite was o.a. commissaris van de N.V. Hardenberger Bank.

Geef een reactie