Bij schrijven van 25 november 1940 van de ‘Reichskommissar für die besetzten Niederländischen Gebiete’ werd Christiaan Frederik Bramer met onmiddellijke ingang ontslag verleend als burgemeester van de gemeente Stad Hardenberg.
Christiaan Frederik Bramer was geboren op 2 december 1875 te Boxum in de gemeente Menaldumadeel, als zoon van ds. Gerrit Bramer en Johanna Geertrui te Raa. Hij was op 2 juni 1898 te Menaldumadeel in het huwelijk getreden met Janke Tamminga.
Op donderdag 23 april 1931 was Bramer geïnstalleerd als burgemeester van de gemeente Stad Hardenberg. Hij was de opvolger van Bauke Schuite die op 21 februari van dat jaar ‘in het harnas’ was gestorven. Bramer was bij koninklijk besluit van 31 maart benoemd. Bramer behoorde tot de vooraanstaande anti-revolutionairen in dit deel van Overijssel. Hij was vele jaren lid van de raad van de gemeente Hellendoorn en vanaf 1919 wethouder aldaar. Ook was hij vanaf 1913 lid van de Provinciale Staten van Overijssel en vanaf de oprichting commissaris van de N.V. IJsselcentrale.
Bramer overleed op 28 maart 1944 te Hardenberg, in de ouderdom van 68 jaar.
Portret van het gezin Schuite; v.l.n.r.: Bouke Albert (burgemeester stad Hardenberg), Albert Johan Willem, Willemina Cornelia Johanna, Jan Willem Piet en Georgenetta Antonia Rudolphina Schuite-Boerrigter.
Het Sallands Volksblad van 19 mei 1922 meldde: “Hardenberg. Donderdagavond bracht de telegraaf ons het bericht dat de heer B.A. Schuite, alhier, benoemd was tot burgemeester dezer gemeente. Door de twee muziekcorpsen werd den nieuwen burgemeester een serenade gebracht. Een groote menigte washierbij tegenwoordig.
Dr. Oldeboom was de tolk der aanwezigen toen hij den heer Schuite hartelijk feliciteerde met zijn benoeming. De heer B.A. Schuite is den 6en febr. 1888 te Ooststellingwerf geboren. Hij was 3,5 jaar volontair ter secretarie van Oldemarkt, daarna 3 jaar ambtenaar ter secretarie te IJsselstein; vervolgens vanaf 1 mei 1913 eerste ambtenaar ter secretarie te Ambt Hardenberg en vanaf 1 september 1917 secretaris dier gemeente. De heer Schuite behoort tot de Christelijk Historische partij. Moge het de gemeente Stad Hardenberg onder zijn bestuur welgaan.” Bouke Schuite was geboren op 6 februari 1888 in het Friese Ooststellingwerf, als zoon van Albert Schuite en Pietje de Haan. Hij huwde op 30 september 1915 te Stad Hardenberg met Georgenetta Antonia Rudolphina Boerrigter. Schuite begon zijn loopbaan op de secretarie van Oldemarkt. Daarna werkte hij op de secretarie van het gemeentehuis in Heemse (Ambt Hardenberg). Op 25-jarige leeftijd volgde hij daar gemeentesecretaris Jouwstra op, die benoemd was tot burgemeester van Bedum. Gemeentesecretaris Schuite werd benoemd tot burgemeester van Stad Hardenberg. Deze plaats was opengevallen door het overlijden van burgemeester J.W.C. Bloem. Diens zoon Jacques Bloem, de bekende dichter, had voor de eer bedankt om burgemeester te worden. Tijdens de raadsvergadering van 8 juni 1922 werd Bouke Albert Schuite geïnstalleerd als burgemeester van Stad Hardenberg. Loco-burgemeester Zweers hing hem het ambtsketen om. Bij koninklijk besluit van 25 april 1928 werd Schuite herbenoemd tot burgemeester van Stad Hardenberg.
Burgemeester Schuite was geëerd en geliefd. Niet voor niets werd in Hardenberg een straatnaam naar hem vernoemd. Veel leed heeft hij in zijn korte leven moeten ondervinden. Zijn vrouw stierf in het kraambed, slechts 27 jaar oud. Hij hertrouwde met Willemina Catharina Kroes uit Zwolle. Twee kinderen stierven op zeer jonge leeftijd (door een verkeersongeval en door ziekte). Zaterdagavond 21 februari 1931 stierf de burgemeester op 43-jarige leeftijd. In de negen jaren dat hij hoofd van de gemeente was, had hij de liefde en hoogachting van de inwoners verkregen.