Categorie Geboorte | Huwelijk | Overlijden

Toen, op 23 september 1892: huwelijk Herbers_Timmerman

Op zich geen spectaculaire gebeurtenis, maar op 23 september 1892 werd het huwelijk voltrokken tussen Frederik Herbers en Hermina Timmermans. Wat het bijzonder maakt, is dat er nog een foto bewaard gebleven is van dit echtpaar.

De foto is een zogenaamde ‘carte-de-visite’, gemaakt door fotograaf Bieseman uit Zwolle. De carte de visite is een type foto die vooral in de 19de eeuw werd gebruikt, met een standaard formaat van 6 x 8,5 centimeter, gedrukt op karton.

Frederik Herbers was op 11 maart 1865 geboren op ’t Kökkenjans in Brucht en zijn echtgenote was op 3 juli 1869 geboren op het oude erve Schöttink in Bergentheim).

Bent u zelf nog in het bezit van oude cartes-de-visite? Wij horen het graag!


Toen, op 14 augustus 1751: huwelijkse voorwaarden.

Het huwelijk is van alle tijden. Trouwen kon en kan men doen op basis van ‘algehele gemeenschap van goederen’, of op basis van vooraf vastgestelde condities middels huwelijkse voorwaarden. Dat is nu zo, maar dat was 250 jaar geleden niet anders. Een mooi voorbeeld van huwelijkse voorwaarden is de op 14 augustus 1751 door plaatsvervangend schout Albertus van Riemsdijk geregistreerde akte die bewaard is gebleven in het archief van het voormalige Schoutambt Hardenberg. We laten de tekst hierna integraal volgen:

“Ik Alb. van Riemsdijk, wegens hoger overigheit in der tijd verwalter scholtus van den Hardenberg etc., doe mede cond en certificere dat voor mij en keurnoten, als waren Seijne Mollink en Har. Hutten in desen gerigte gecompareerd en erschenen de ondergeschreven personen welke verklaerden in de Vrese des Heren en tot vermeerderinge des menschelijken geslagts met de naeste vrienden raed en consent een wettelijk huwelijk gededingd en gesloten te hebben tusschen Jan Waterink, jongeman van Bergentheim als bruidegom ter ene, en Helle Schottink, jongedogter, in desen geassisteerd met haren vader Hermen Schottink als momber, als bruid ter andere sijde, en dat wel op conditie en maniere hierna volgende.

Voor eerst is geconditioneerd en bedongen dat de tegenswoordige bruidegom en bruid, tot stuir des huwelijks van weerkanten sullen hebben aen en bij te brengen alle haer hebbende en krijgende goederen, geen uitgesonderd, en wanneer een van beide het sij bruidegom of bruid, sonder lijfs erfgenamen kwam te overlijden, so sullen in so een geval, de langstlevende over de eerststervende erfgenaam in allen dele sijn, en blijven.

Verders is geconditioneerd en bedongen, als dat de tegenswoordige bruidegom en bruid, bij de bruids ouders in huis sullen trouwen, het plaetse bebouwen en regeren, na haren goeden rade en altoos in vollen eigendom te behouden, egter op expresse conditie dat sij bruidegom en bruid, de bruids ouders, altoos goed versorgen voor haer sullen hebben en die alle hulpe en ondersteuninge so bij gesondheid als siekte, altoos de behulpsame hand te bieden, kort om so als kinders aan haar ouders verpligt sijn te doen, en daer en boven nog jaerlijks voor haer tot een sak stuiver, so se het begeerd te saijen, de Korte Draf genaamd, groot ongeveer 4 schepel gesaeij.

En is vorders nog bedongen en goed gevonden als dat de bruids oudsten broeder Jan Schottink, wegens sijn ouderlijken goed, sal hebben te genieten als hij komt te trouwen, de somma van ad vijftig guldens, segge 50 guldens, en een uitset naber gelijke en een sterken beest als het in haer magt is. En aen Jannes Schottink als hij komt te trouwen, de somme van 25 guldens en een uitset naber gelijk, en een sterken beest so het in haer magt is. En als de bruids broeders ongetrouwd siek of sugtig mogen worden, dan sullen sij altoos een vrijen intrek in haer ouderlijke huis hebben en aldaer verheegd en verpleegd worden. En dan nog aen de bruids moeder, jaerlijks te besorgen vier pond gehekeld vlas, voor haer om te spinnen en reiden na haer goeden rade.

Aldus het voorschreven gesloten, verklarende sij comparanten dit also in der minne en ter goeder trouwe met malkander geconvenieerd en geaccordeerd te hebben, begerende al het voorschrevene stiptelijk moge worden nagekomen, of schoon alle solemniteiten in regte nodig daer in niet mogten sijn geobserveerd. In waerheids oirconde, en sonder erg of list, hebbe ik verwalter scholtus voornoemd, dese also neffens de comparanten getekend, en also sij geen signet sijn hebbende, so hebben sij mij versogt dese mede voor haer neffens mij te bezegelen. Actum Bergentheim, den 14 augustus 1751.”

Bovenvermelde huwelijkse voorwaarden werden vastgelegd alvorens het kerkelijk huwelijk gesloten kon worden tussen bruidegom Jan Waterink en zijn bruid Hillegien Schöttink. De voltrekking vond overigens plaats op dezelfde dag in de Witte of Lambertuskerk in Heemse.

Jan Waterink trouwde ‘in’ op het erve Schöttink (de boerderij van de ouders van zijn bruid) en nam de naam van het erve over. Hij zou voortaan door het leven gaan als Schöttink-Jan.

Van dit echtpaar en hun nakomelingen zijn fraaie archiefstukken bewaard gebleven. Voor nadere informatie verwijzen we u dan ook graag naar de inventaris op dat archief dat te vinden is via www.archieven.nl


Toen, op 07 augustus 1964: Willem Snel overleden.

Op 7 augustus 1964 overleed Willem Snel, op 57-jarige leeftijd. Het Noord-Oosten schreef:
“Als een schok ging het door Hardenberg: de heer Snel is overleden! Op het kantoor van Waterschap De Bovenvecht was de heer Snel onwel geworden, waarna de levensdraad schielijk werd afgesneden.

De heer Willem Snel was geboren te Gramsbergen als zoon van de post-directeur. Na de hbs te hebben bezocht kwam hij op het kantoor van Uitgeverij De Bruin, waar hij o.a. verslagen voor De Vechtstreek schreef. Daarna werd hij redacteur van een groter blad te Meppel. Vervolgens kwam hij terug om een boekhandel te openen in een gedeelte van het pand ‘De Bruin’, dat hij later ruilde met de naastgelegen woning van de familie G. Bruins, waar een flinke boekhandel kon worden ingericht. Het oude pand van de Bruin op de hoek werd toen vervangen door een nieuw gebouw van de Boerenleenbank, die eerst in het pand Bruins een onderkomen had.”

Een ander blad schreef:
“Geheel onverwachts is wethouder Snel heengegaan. Met moeite was hij nog thuisgekomen. Doktershulp mocht toen niet meer baten. Met de heer Snel is een opmerkelijk figuur heengegaan die van ontzaglijk grote betekenis is geweest voor de ontwikkeling van Hardenberg. Op eenvoudige wijze was hij in Hardenberg begonnen, verbonden aan het weekblad De Vechtstreek, om later in Meppel zijn journalistieke opleiding verder voort te zetten. Hij keerde in Hardenberg terug en bleef de journalistiek trouw tot het bedrijfsleven hem steeds meer opeiste. Zijn boekhandel aan de Voorstraat nam in omvang toe en gaandeweg ontwikkelde zijn bedrijf zich zodanig dat hij tot splitsing over ging. Hij had toen reeds meerdere waterschapsfuncties aanvaard en in zijn tegenwoordige pand in de richting van de Marsch werd niet alleen het administratieve werk verricht, maar kwam ook de afdeling snel-druk tot bloei, die ruim zes jaar geleden door de uitgever van dit blad werd overgenomen. Als secretaris van de Handelsvereniging had Snel in de loop der jaren reeds tal van activiteiten tot grote successen gebracht. Op gebied van tentoonstellingen en organisatie van grote gebeurtenissen toonde hij zich de grote man van stad Hardenberg, die met voorzichtig beleid telkens opnieuw weer ieder plan tot een succes wist uit te werken. Nog herinneren we ons de herdenking van 600 jaar Hardenberg, waarbij de heer Snel ook de motorische kracht was…”

Het nieuwe gemaal aan de Koningsbrug, nabij de Hardenbergerweg, werd later naar hem vernoemd.


Toen, op 02 augustus 1882: huwelijk Van der Sanden-Mulder.

trouwfoto Van der Sanden
Deze kabinetfoto is gemaakt door de bekende Zwolse fotograaf Franz Wilhelm Heinrich Deutmann.

Op 2 augustus 1882, werd het huwelijk voltrokken tussen Johannes Antonius van der Sanden (geb. 19 november 1860 Dedemsvaart), directeur van een turfstrooiselfabriek, en Grietje Mulder (geb. 10 februari 1847 Dedemsvaart).

Op zichzelf is dat niet zo bijzonder. Er worden bijna dagelijks huwelijken gesloten en dat was in 1882 niet anders. Toch hebben we dit huwelijk hier geplaatst, omdat er van die dag een mooie trouwfoto bewaard gebleven is. En dat was zeker in die tijd nog geen usance.

De foto is een zgn. ‘kabinetfoto’, zoals in het randschrift staat vermeld. Dit waren fotografische kaarten, geplakt op voorgepreegd en bedrukt opzetkarton, in het formaat van ongeveer 11 bij 16½ centimeter.

Het echtpaar Van der Sanden kreeg kinderen in Heemse, de plaats waar ze ook zouden sterven. Grietje in 1921 en Johannes Antonius in 1931.


Toen, op 23 juni 1930: de oude joodse koster is gestorven.

de Bruin

De lokale krant ‘De Vechtstreek’ schreef op 28 juni 1930:
“Maandag is alhier in den ouderdom van 87 jaar overleden de heer E.I. de Bruin. De overledene, die bij de gelegenheid dat hij 65 jaar het ambt van koster bij de Israëlitische gemeente alhier had vervuld, door de Koningin werd begiftigd met de gouden eremedaille van de Oranje Nassau orde, heeft zijn kostersambt nadien nog tien jaren waargenomen en wel op een wijze, boven alle lof verheven. Bij zijn begrafenis was veel belangstelling.”

Emanuel Israëls de Bruin was geboren op 24 mei 1843 in Stad Hardenberg, als zoon van Israël Emanuëls de Bruin en Billa Hartog Cohen. Hij was op 28 april 1873 te Stad Hardenberg getrouwd met Margaretha Roos uit Staphorst. Het echtpaar kreeg 10 kinderen, waarvan er 5 op jeugdige leeftijd stierven.

Niet alleen Emanuëls overlijden haalde de krant. Al eerder, op 7 januari 1921, schreef het Salland’s Volksblad:
“De heer De Bruin heeft van de Koningin de gouden eeremedaille der Oranje-Nassau orde gekregen, ter gelegenheid van zijn 65-jarig jubileum als koster der synagoge.”

de Bruin

En precies zes jaar later, op 7 januari 1927:
“Nieuwjaarsdag was het 70 jaar geleden dat de heer E.I. de Bruin als koster van de synagoge werd benoemd. De jubilaris, thans 83 jaar, heeft van zijn 13-jarigen leeftijd af deze betrekking waargenomen. Nu echter heeft hij zijn ontslag gevraagd en zeer eervol gekregen. Bij deze gelegenheid heeft de heer I. Frank, voorzitter van den Israëlitischen kerkeraad hem ongeveer als volgt toegesproken: “Nimmer versaagd, altijd geheel opgaande in uw taak, met een plichtsbetrachting die wij moeilijk kunnen begrijpen, zijt gij getrouw gebleven tot dezen dag. Ja, ook thans kan nog worden getuigd, uw werkkracht is veel ruimer dan de draagwijdte van uw functie. Na zulk een werkzaam leven hebt gij gemeend een mijlpaal te moeten plaatsen op uw levensweg, die dien werkkring afsluit. Wij hebben met eerbied dit besluit te aanvaarden, als is het voor ons moeilijk afscheid te nemen van een dienaar die zijn taak zoo hoog heeft opgevat, die gedurende 70 jaar eenige geslachten heeft gediend met zulk een trouw. En dit afscheid klemt te meer nu gij onze gemeente gaat verlaten, terwijl die helaas niet meer staat op dat hooge standpunt van warmen godsdienstzin als toen gij uw ambt aanvaardde, omdat het aanzien van de gemeenschap niet meer draagt het beeld van heilige traditie en saamhorigheid. Veel schooner en verheffender zou het zijn geweest wanneer die Joodsche geest ook thans hier nog rondwaarde”. Uit naam van het kerkbestuur en de gemeente dankte spreker den heer De Bruin voor alles wat hij heeft verricht. Ik weet het, aldus spreker, voor u zal het straks vaak moeilijk zijn, als ge als ambtelooze in onze gemeente zult leven, omdat ge een sjammes (koster) waart in uw geheele wezen en optreden. Doch we weten, dat uw verder leven zal worden geschraagd door de onvermoeide zorgen en liefde van een echtgenoote, gestut en gesteund als gij beiden wordt door de toewijding van uw zoon Rudolf. Namens de gemeente bood spreker als blijk van waardeering een zilveren kidoes-beker aan, en besloot: Mocht gij bij het gebruik ervan worden herinnerd aan de taak, dat gij u bovenal in dienst hebt gesteld van onzen Heiligen Godsdienst, omdat gij u hiermede hebt gesticht een kidoes hateim, een heiliging van Gods naam. Moge de beker nog jarenlang in uw bezit zijn te midden van uw verwanten.”