Toen, op 20 april 1849: gouden bodemvondst in Heemse.

0420_munten

De Zwolsche Courant van 20 april 1849 meldde:

Goudzoekers
Naar Californie! Naar Californie!
Gij allen, die begeerig zijt naar goud, want daar kunt gij het in overvloed vinden en van een zuiver gehalte. Maar neen! Begeeft u niet naar Californie, welligt moet gij, evenals zoo velen reeds is overkomen, of uitgeput van honger en vermoeijenis onder uwen goudlast bezwijken, of u op uwe terugreis overvallen en u van al uwe schatten beroofd zien, door de aldaar wonende Indianen. Verlaat uwen Vaderlandschen grond niet, inwoners van Overijssel! Verlaat gij zelfs uwe provincie niet, maar gaat naar het dorp Heemse, vooral in de nabijheid der kerk, kunt gij de schoonste goud- en zilverstukken vinden.

Van tijd tot tijd is er onbekend zilvergeld gevonden, hetwelk natuurlijk deed vermoeden dat daar schatten verborgen lagen. Thans is er door de meid van den landbouwer R.W. in of bij de mestkuil, eene aarden pot met zeven goudstukken gevonden, die zeer dun en verschillende grootte hebben, en hierin zeer veel overeenkomen met een kwartje en een oude schelling. Men kan uit het wapen en door de blindheid van het jaartal niet met zekerheid bepalen van welken tijd zij afkomstig zijn, men gist echter uit den Spaanschen. Men twijfelt er niet aan of er zitten nog meer schatten verborgen, waarom dan ook naar de boeren van Heemse (men begrijpt hoe de begeerte naar goud door die laatste vondst is opgewekt) niet anders droomen dan goud! goud!

Er moet dan ook werkelijk het plan gevormd zijn om den grond bij de kerk, pastorij en dien, welke onmiddellijk aan het kerkhof ligt, te doorgraven. Wordt nu eens die moeite door goud of zilver rijkelijk beloond, wie weet of niet geheel Heemse 3 a 4 voet omgekeerd wordt. De boer houdt zich dan niet meer bezig om zijnen akker goed te bearbeiden, in de hoop van eenen goeden oogst, maar om goud te zoeken. O, wat dan een ongelukkig Heemse! Zoude al dat goud, hetwelk de boeren van Heemse in hunne verbeelding al gevonden hebben, ook invloed uitoefenen op deszelfs waarde, gelijk men denkt over dat van Californie?

(later bleek de muntenschat te bestaan uit een collectie gouden en zilveren exemplaren uit de 13de en 14de eeuw)


Toen, op 29 augustus 1959: Oranjefeest in Heemse.

Deze kleurendia maakte dominee Loor op 29 augustus 1959.

Uit de krant: Kunst en vrolijk feestvermaak te Heemse. 
De feestelijkheden te Heemse dragen een apart karakter. Men beoefent daar zang- en muziekkunst, die wel een bijzonder hoog peil heeft bereikt en men speelt daarnaast op zo’n ongekunstelde wijze volksspelen, dat het een genoegen is om daaraan mee te doen of er getuige van te zijn. Alles werkt daar samen om het feest te doen slagen: de wondermooie omgeving, vanwaar men eenerzijds uitziet naar de eeuwenoude kerktoren van Heemse en daarnaast zijdelings kan profiteren van een rust ademend landschap langs de boorden van de Vecht.
Imponerend ziet men daartegenover de keurige woningen van de stad Hardenberg, die de feestgenoten vertellen dat intimiteit en toenemende welvaart best kunnen samengaan, zodat er alle rede is om rondom het huis van Oranje feestelijkheden te bedrijven.
Onder leiding van het onderwijzend personeel en geassisteerd door het bestuur der Oranjevereniging werd de tweede dag geopend met de kinderspelen, waarbij de lachspieren danig in beweging werden gebracht. Kruiwagenrace voor paren 1. J. Hofsink en S. Hofsink. 2. H. Welink en D. Kerkdijk. 3. H. Naber en Z. van Lenthe. Ringsteken op bromfiets: 1. H. Hutten te Rheeze en 2. H. Zomer. Mastklimmen: 12 van de 28 deelnemers wisten de top te bereiken en de worst te bemachtigen…