Toen, op 26 augustus 1883: de grote brand in Rheeze.

Rheeze, Ambt-Hardenberg, 26 Aug. Te twee uur ongeveer ontstond hedenmiddag brand in het voor 5 jaar nieuw gebouwde huis van den landbouwer L. Stoeten etc..

De Provinciale Drentsche en Asser courant van 30 augustus 1883 deed verslag van de grote brand te Rheeze, waarbij de kapitale boerderijen van de erven Raatmink en Welink en het vijf jaar oude boerenhuis van de fam. Stoeten (nu de Brinkhoeve) volledig in de as werden gelegd…De geschiedenis van die locaties vind u op onze website:- Erve Raatmink (Rheezerbrink 11): https://www.historischeprojecten.nl/…/rheezerbrink-11/– erve Welink (Rheezerbrink 9): https://www.historischeprojecten.nl/…/rheezerbrink-9/– de Brinkhoeve (Rheezerbrink 2): https://www.historischeprojecten.nl/…/rheezerbrink-2/


Toen, op 21 augustus 1965: oranjefeest, optocht in Rheeze.

Op 21 augustus 1965 werden deze drie foto’s gemaakt. We zien een versierde optocht tijdens het Oranjefeest, nabij het erve Timmermans in Rheeze. Men was op deze zaterdag om 9 uur vertrokken vanaf het feestterrein bij de gereformeerde school in Heemse. De tocht voerde door Rheeze en Diffelen, terug via de Rheezerbelten, vanaf Stegink naar de Ommerweg, via de Oude Ommerweg door Heemse naar het Oelenveer en Spaanskamp en terug over de Scholtensdijk naar het toenmalig feestterrein, de weide van Schutte. Vele dagen en soms weken lang hadden de deelnemers gewerkt aan de versierde wagens. De optocht kwam tegen de middag naar het gemeentehuis op het Stephanusplein.

Een fotograaf holt langs een Ford Dexta-tractor, met de versierde wagen van de buurtvereniging ‘Het Ganzenschot’, getiteld: ‘Zo deed men in ’t verleden’. Midden op de wagen zien we Gerrit Jan Ribberink en voorop, met de grijze pet, staat Heinrich Heldt. Men is bezig met het dorsen van graan met een dorsstok. Ribberink gebruikt een ‘wan’ om het kaf van het koren te scheiden. De vrouw geheel links is waarschijnlijk Hennie Veurink.

Een John Deere tractor trekt een versierde wagen van de buurtvereniging ‘De Haarmolen’. Een replica van de molen was op de wagen gezet. Deze versierde wagen won de derde prijs.

Hier wordt een platte wagen vol muzikanten voortgetrokken door een McCormick tractor.
(reacties: Deze foto is gemaakt aan de Rheezerweg bij Veurink en Timmerman, schuin tegenover het geboortehuis van Jan Overweg.)

Toen, op 23 juli 1881: Van Rheeze naar Chicago.

Op 23 juli 1881 werd door de arrondissementsrechtbank te Zwolle het faillissement uitgesproken over Gerrit Jan Wieldraaijer te Rheeze. Wieldraaijer was winkelier aldaar, maar kon de touwtjes niet meer aan elkaar knopen nadat zijn woonhuis, inboedel en aanwezige winkelgoederen drie maanden ervoor, op 15 april, door een allesverwoestende brand verloren waren gegaan…

Wieldraaijer was op 15 december 1878 met attestatie van Nijverdal in Rheeze komen wonen. Hij was in 1848 geboren in Hellendoorn, behoorde tot de Christelijk Afgescheiden gemeente, was gehuwd met de Friesin Femmigje Kuiper en had met haar in Hellendoorn twee zoontjes gekregen: Herman en Jan. In Rheeze was in 1880 hun zoon Jacob geboren.

Saillant detail is dat Wieldraaijer met zijn gezin twee dagen na de uitspraak over het faillissement de oude buurtschap aan de Vecht verliet en z’n heil zocht in Michigan in de Verenigde Staten van Amerika. Hij emigreerde en liet z’n boeltje in Rheeze de boel. Of dit nog geleid heeft tot verdere rechtszaken is op dit moment niet bekend. Gerrit John Wieldraayer overleed in december 1927 in Chicago, op 78-jarige leeftijd. Zijn nazaten zouden de ingewikkelde Nederlandse achternaam wijzigen in ‘Wheeler’…


Toen, op 02 juni 1851: inzet veiling van ’t erve Jacobs in Rheeze.

In de Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant van 9 mei 1851 werd door notaris Mulert uit Ommen aangekondigd dat hij binnenkort zou over gaan tot de publieke verkoop van het boerenerve ‘het Jacobs’ genaamd, gelegen in de buurtschap Rheeze.

‘Het Jacobs’ staat reeds vermeld op de eerste kadastrale kaart van 1832, gelegen ten noorden van de Rheezerweg en indertijd kadastraal bekend onder sectienummer K-540. Het boerderijtje was destijds eigendom van niemand minder dan jonkheer Jacob van Foreest van Heemse. Daarmee hebben we dan ook meteen de naam verklaard. “Het Jacobs” was vernoemd naar de voornaam van de eigenaar, de toenmalige heer van Heemse.

In 1851, na het overlijden van de jonkheer, werd het totale bezit in veiling gebracht, waarbij ‘het Jacobs’ eigendom werd van zijn dochter Theodora Sophia van Foreest en haar man Jan Arent baron van Ittersum, de nieuwe ‘heer en vrouwe van Heemse’.

Het boerderijtje stond in het midden van de negentiende eeuw bij de gemeente bekend als huisnr. G-6 in Rheeze. In 1881 werd het eigendom van Hendrik Overweg en echtgenote Hendrika Rudolphina IJzebrink. Vervolgens zou het vererven op respectievelijk: Jannes Overweg en Geertjen Hakkers, Harm Overweg en Hendrikje Veurink, Jannes Overweg en Hermina Odink, Gerrit Jan Overweg en Aaltje Bartels en toen op de zesde generatie: Hendrikus Overweg en Boukje Marja Post.

In 1940 stond de boerderij bekend als G-10, maar in 1971 werd dat gewijzigd naar Rheezerweg 87.

Op de voorgevel van de boerderij is een bord aangebracht met de naam ‘Altnos’, oftewel ‘het Altenaas’. Dat erve lag echter oorspronkelijk iets oostelijker en een stukje van de weg af. Ook die boerderij staat ingetekend op de kadastrale kaart. De familie Overweg heeft daar eerst gewoond totdat ze in 1881 het Jacobs kocht en daarheen verhuisde. Ze lieten de boerderij ‘Altena’ vervolgens afbreken.
Kennelijk heeft de familie Overweg de naam van de afgebroken boerderij ‘meegenomen’ naar ’t Jacobs, maar beter zou het dus zijn als het naambord werd gewijzigd in de oorspronkelijke naam: ’t Jacobs, eventueel begeleid door het familiewapen van het geslacht Van Foreest als oorspronkelijke eigenaar.