Geheugen van Hardenberg

Toen, op 02 juli 1852: verkoop van ‘de Bekeplaats’.

Bekeplaats

Op 2 juli 1852 werd onderstaande advertentie geplaatst in de Overijsselsche en Zwolsche Courant:
“Burgemeester en wethouders der gemeente Stad Hardenbergh, zullen onder nadere goedkeuring van heeren Gedeputeerde Staten der provincie Overijssel, op woensdag den 7den julij e.k. des namiddags ten 6 ure, ten huize van den logementhouder D. Zweers Bz. jr., te Hardenbergh, in het openbaar doen inzetten, en op woensdag den 21sten julij daaraanvolgende, ter zelfder uur en plaats finaal verkoopen: Een boerenerve, genaamd de Bekeplaats, bestaande uit eene boerenwoning en nieuw gebouwde schuur met bouw- en weiland enz., gelegen op 1/4 uur afstands van Hardenbergh, in den nabijheid van het ontworpen kanaal, kadastraal sectie A no. 605 t/m 611, 386a en 599, en gem. Ambt Hardenbergh, sectie C no. 400a, ter grootte van 7 bunders, 59 roeden en 90 ellen.”

Lees meer


Toen, op 01 juli 1939: burgemeester Van Riemsdijk met pensioen.

C.J. van Riemsdijk

Op 1 juli 1939 ging de langst zittende burgemeester van Gramsbergen, Cornelis Johannes van Riemsdijk, met pensioen.

Een week eerder al had hij afscheid genomen van de voltallige raad, wethouders en gemeentesecretaris, in verband met zijn eervol ontslag. De heer Van Riemsdijk was op dat moment Overijssels oudste burgemeester en tevens de laatste die nog door wijlen H.M. Koningin Emma als zodanig was benoemd.

Het ‘Nieuwsblad van het Noorden’ van 23 juni 1939 schreef:
“De heer C.J. van Riemsdijk, de oudste burgemeester van Overijssel, die 41 jaar burgemeester van Gramsbergen is geweest, heeft aangezien hem met ingang van 1 juli eervol ontslag als burgemeester is verleend, afscheid genomen van den Raad. Hij deed dat in een korte redevoering, welke staande door de leden van den raad werd aangehoord. De burgemeester herinnerde er aan dat hij 41 jaar geleden, als opvolger van wijlen zijn vader, als burgemeester dezer gemeente werd geïnstalleerd. In dien tijd is veel veranderd, ook in Gramsbergen. Daar zijn vele nieuwe wegen aangelegd en andere verbeterd. Spreker heeft mede mogen werken aan den bouw van het nieuwe gemeentehuis, een sieraad voor de gemeente. In de gemeente heeft hij altijd de meest mogelijke medewerking gehad. De bevolking kwam hem vertrouwvol tegemoet. De samenwerking met de wethouders was altijd uitstekend en ook de samenwerking met den secretaris, de andere ambtenaren van de gemeente, de politie alsmede met den raad was altijd prettig. Spreker was dankbaar voor den gedurende zoovele jaren ondervonden steun en dankte daarvoor allen hartelijk. Hij wenschte de gemeente Gramsbergen toe dat zij zal groeien en bloeien.

Wethouder De Jager zeide dat er een tijd van komen en gaan is en dat thans voor den burgemeester de tijd van gaan is aangebroken. De burgemeester heeft veel voor de gemeente gedaan. Spreker kent hem 35 jaren en werkte 16 jaar met hem als wethouder samen. Veel tegenstand heeft de burgemeester hier nooit gehad. Hij gaf daartoe ook geen aanleiding. De burgemeester arbeidde niet in het belang van de gemeente uit zucht naar eer en roem, maar om de gemeente te dienen. Zijn devies was: niet heerschen, maar dienen. Hij wenschte den burgemeester Gods besten zegen toe, alsmede diens gezin en hoopte dat de burgemeester nog vele jaren zal genieten van een welverdiende rust.
Wethouder Meilink herinnerde er aan, dat zijn vader den burgemeester heeft geïnstalleerd en dat hij nu den burgemeester een afscheidswoord mag toespreken. Er was niet altijd eenstemmigheid in het college, maar er bestond van weerszijden goede wil en die ging boven alle meeningsverschillen uit. De heer Westerman herinnerde er in zijn toespraak aan dat de gemeente Gramsbergen 75 jaren achtereen door iemand uit het geslacht Van Riemsdijk is bestuurd. Hij besloot zijn toespraak op dezelfde wijze als de heer Meilink die besloot, met den burgemeester nog vele levensjaren en een welverdiende rust toe te wenschen.”

Het bestuur van het Plaatselijk Belang Gramsbergen gaf de firma B. Eijsbouts te Assen opdracht voor het aanbrengen van nieuwe wijzerplaten met verlichting aan de gemeentetoren. De nieuwe wijzerplaten gaven een aardig effect aan de ouderwetse toren. De verlichte wijzerplaten werden niet veel later op officiële wijze aangeboden, als een geschenk van de burgerij aan de heer Van Riemsdijk. De gemeenteambtenaren hadden opdracht gegeven aan een bekend schilder te Geldrop tot het schilderen van een portret van C.J. van Riemsdijk. Het schilderij ‘van den ouden magistraat’ kwam te hangen in de raadzaal van het gemeentehuis.

C.J. van Riemsdijk

De Vechtstreek van 23 september 1939 schreef:
“Woensdagavond had alhier de aanbieding plaats van de huldeblijken. Des avonds te acht uur hadden zich de leden van de beide comité’s (Gramsbergen en De Krim) in ’t café Kamphuis vereenigd. Een aantal genoodigden waren opgekomen. Aanwezig waren o.a. oud-burgemeester Van Riemsdijk met zijn echtgenoote, alsmede zijn dochter en zijn schoonzoon de heer en mevrouw De Muinck Keizer-van Riemsdijk, burgemeester baron van Voerst van Lynden, vergezeld van wethouder A.W. de Jager, gemeentesecretaris H.R. Koek, alsmede de heer Reijer Catharinus Murman uit Geldermalsum, de schilder van het portret.”

Cornelis Johannes van Riemsdijk was geboren op 8 mei 1868 te Gramsbergen, als zoon van burgemeester Otto van Riemsdijk en Sophia Johanna Hoogklimmer. Op 27 oktober 1897 was hij benoemd tot gemeentesecretaris van Gramsbergen. Een jaar later, op 17 november, trad hij aan als burgemeester. In 1927 beëindigde hij zijn functie als gemeentesecretaris. Na een ambtsperiode van ruim veertig jaar nam hij op 1 juli 1939 afscheid als eerste burger van Gramsbergen.
Hij was op 31 mei 1898 te Dalen gehuwd met Roelina Elizabeth Oldenbanning en hij overleed op 85-jarige leeftijd, op 11 februari 1954 te Gramsbergen.


Toen, op 27 juni 1984: opening bakkerij Battjes.

Bakkerij Miskotte op De Brink
Bakkerij Miskotte op De Brink.

Op woensdag 27 juni 1984 opende de familie Battjes op De Brink de deuren van hun bakkerszaak. Zij hadden het bedrijf overgenomen van de familie Miskotte.

De Miskottes hadden maar liefst zestig jaar lang op dezelfde locatie een eigen bakkerswinkel gehad. In 1924 liet Egbert Miskotte (geboren in 1896 in Den Ham) de bakkerszaak bouwen op De Brink.

advertentie Miskotte & Battjes.
Advertentie Miskotte & Battjes.

Hij had daarvoor als bakkersknecht gewerkt bij bakkerij Makkinga, eveneens op De Brink. Op de kleurendia zien we hem staan achter de zgn. ‘opmaker’, terwijl achter hem de rijskast te zien is. Zoon Jan Hendrik Miskotte staat links voor de dubbele Rinac oven. Die oven werd gestookt met briketten en turf. Rechtsonder staat de ‘klutsmachine’ die gebruikt werd om spijs en schuim te maken. Egbert overleed in 1963, waarna zijn zonen Gerrit Jan en Jan Hendrik het bedrijf voortzetten.

Bakkerswinkel op de Brink

Bakkerswinkel op de Brink.

Toen, op 26 juni 1954: opening museum in Heemse.

welgelegen
Museum Welgelegen.

Het Salland’s Volksblad van 1 juli 1954 schreef:

Bij het oude landhuis ‘Welgelegen’ hing zaterdag jl. de vlag uit. Waarom? Wel, om 3 uur in de namiddag zou het museum officieel geopend worden. Velen hadden zich beijverd om het voorterrein van den huize wat op te knappen en zo kon tegen het openingsuur aan de genodigden een goede ontvangst worden geboden. Ongeveer 70 personen waren opgekomen. Om ruim drie uur heette de voorzitter van de stichting ‘Oudheidkamer Hardenberg’, dokter Gouwe uit Lutten, hen hartelijk welkom. In zijn rede herinnerde hij aan enkele feiten uit de bijna zesjarige geschiedenis van de stichting. De oprichters waren de heren Van Laar, Jongsma, Gouwe en Bakker. Nadien zijn er enkele mutaties in het bestuur gekomen. Er zijn enkele tentoonstellingen geweest, diverse sprekers zijn voor de vergaderingen van donateurs opgetreden. Het aantal donateurs steeg van 45 tot ruim 200.

welgelegen
Bestuur van de Stichting Oudheidkamer.

Dokter Gouwe bedankte in het bijzonder het echtpaar Haandrikman, dat heel wat voor de inrichting gedaan heeft en ook de heren Vasse, die de tafels en kasten keurig in orde hebben gemaakt en uit liefhebberij heel wat tijd hebben besteed om alles ‘goed’ te maken. Van de bestuursleden werden in het bijzonder bedankt de heren Wamelink en Bakker vanwege hun betoonde ijver om alles tijdig in orde te krijgen. Voorts werden allen bedankt die door hulp, het afstaan of in bruikleen geven van voorwerpen of anderzins hun medewerking hebben verleend. Van de uitgenodigden hadden enkelen bericht van verhindering gezonden. Het speet allen dat ook het gemeentebestuur door ambtsbezigheden verhinderd was tegenwoordig te zijn.

Na dokter Gouwe werd allereerst het woord gevoerd door de heer Hietkamp, oud-kerkvoogd, die, na een felicitatie, de sleutel van de deur, die toegang geeft aan het museum, aan de voorzitter overhandigde. Na hem sprak dominee Loor een hartelijk woord van gelukwens. Vervolgens sprak de heer Nering-Bögel, oud-burgemeester van Ommen een hartelijk woord van felicitatie en tenslotte voerde burgemeester De Goede van Gramsbergen het woord. In een fijne speech gaf deze weer de grote waarde van een museum.

museum
Schouw in museum Welgelegen.

Vervolgens ging het hele gezelschap de drie trappen op naar de museumruimte. Er werd gefluisterd dat de zolder kraakte. Hoe dit zij, allen vertoefden geruime tijd in hoger sferen en nadat allen het tentoongestelde goed hadden bekeken en het bezoekersregister hadden getekend, konden ze nog even gaan genieten van een kleine consumptie.

We hebben verschillende van de bezoekers gesproken. Over het algemeen werd de mening geuit dat het gebodene de verwachting had overtroffen. Men sprak van een goede start. Een bezoeker drukte zich zelfs lyrisch uit met de term: de helft was mij niet aangezegd. Hoe dit nu zijn moge, het begin schijnt zeer bevredigend te zijn en voor de toekomst moge opgemerkt worden dat aan het bestuur al weer heel wat tips werden gegeven om meer oudheden te bekomen. Als nu veel Hardenbergers en ook hun gasten zo eens per jaar een kijkje in het museum.

welgelegen
Museum Welgelegen.

Toen, op 25 juni 1959: feest in Radewijk.

Feest in Radewijk

De 25ste juni 1959 was een vreugdevolle dag in de geschiedenis van de buurtschap Radewijk.
Heel Radewijk vierde die dag feest. Twee keurig uitgedoste herauten riepen de bevolking van Radewijk op tot een feestvreugde zoals men er in tijden niet had meegemaakt. Klaroenstoten van het tweetal wekten om vier uur `s morgens de landbouwende mensen die zich moesten reppen om hun vee zo tijdig mogelijk verzorgd te krijgen, zodat iedereen mee kon gaan naar het feest. Alle ellende die men tot voor kort in de buurtschap had gekend door de slechte staat van de landwegen, lag nog vers in het geheugen. Onbeschrijfelijke toestanden hebben geheerst in de uithoek van deze provincie, in de onmiddellijke nabijheid van de grens. Treffend waren de woorden van dierenarts J. Siebenga die op deze middag de volgende uitspraak deed: ‘Als er ooit iemand in aanmerking zou moeten komen voor een ridderorde, dan was het wel de landbouwer Wolbink die zo velen met zijn tractor uit de moeilijkheden heeft gehaald’.

Feest in Radewijk

Burgemeester De Goede vermeldde in zijn speech een aantal interessante gegevens over de nieuwe wegen. Zo werd er in totaal 18 miljoen kilo grondstof verwerkt, terwijl het project alleen al binnen de gemeentegrenzen van Hardenberg driekwart miljoen gulden kostte. In de buurtschap Radewijk veranderde maar liefst veertien kilometer zandweg in glad asfalt. Bij de met vlaggen versierde molen van Ter Voorde werd de plechtige opening voltrokken. De bejaarde weduwe Drenthen, gekleed in echt oude Saksische klederdracht, bood de burgemeestersvrouw een schaar aan, waarmee deze het witte lint doorknipte. Even tevoren had het muziekkorps Excelsior uit Bruchterveld het Wilhelmus geblazen en zongen de schoolkinderen met ijle stemmetjes in de zomerwind het mooie volkslied van Radewijk. Mevrouw De Goede kreeg voor haar officiële handeling een boeket bloemen aangereikt door de kleine Gerda Veneman. Het was een lange, lange tocht van bijna dertig versierde wagens, op weg naar het aangrenzende Den Velde. De burgemeestersfamilies van Hardenberg en Gramsbergen voorop.

Feest in Radewijk

Terecht had men dit geheel in het Saksische landschap passend gehouden door de beste paarden uit de Radewijker stallen voor de wagens te spannen. Ze trokken hun fleurige optocht met frisse moed over de harde wegen, maar het feestcomité had het reisplan wel zo vastgesteld dat ook enkele zandhindernissen moesten worden genomen, waarmee werd duidelijk gemaakt dat nog niet alles in kannen en kruiken was op het punt van de verharding. Met al die feestvierenden zetelden op éénn der eerste wagens zichtbaar verheugd de heer en mevrouw Van der Meer. Na veertigjarige strijd tegen de modder een resultaat te mogen meemaken, was ook een reden om echt blij te zijn. In die stemming aanvaardde het tweetal met voldoening de juichstem van een der feestvierders: Het bruidspaar van Radewijk. Het was een hoogtijdag voor beiden. Ter gelegenheid van de opening van de nieuwe wegen te Radewijk en Den Velde werd de tweede dag van de feestelijkheden besloten met een volksfeest, waarvoor zowel van Hollandse als van Duitse zijde zeer grote belangstelling bestond. Eindelijk was men verlost van de zeer slechte wegen!

Feest in Radewijk

Bovenstaand verhaal is overgenomen uit het Sallands Volksblad van 29 juni 1959.

Feest in Radewijk
Feest in Radewijk