Notaris Willem Swam passeerde op 19 april 1832 een akte betreffende de openbare veiling van o.a. de katerstede het Hakkers genaamd, bestaande in een huis met den daar omgelegenen kamp hoog- en laag zaaij-, gaarden- en weideland, liggende in de buurtschap Lozen in den Marsch, met de helft van de tot deze katerstede gehoorende waarregt in de gecombineerde marke van Gramsbergen, Lozen en Radewijk, met een begraafplaats op het kerkhof te Hardenberg (aktenr. 424). De notaris verrichte de veiling op verzoek van Engbert, Jan, Gerrit en Gerrit Jan Hakkers, allen landbouwers resp. te Gramsbergen, Loozen en Rheezerveen. De hoogste bieder op de katerstede bleek (tijdens het zgn. ‘mijnen’) Klaas Olthuis te zijn voor 800 guldens.

In 1832 was het huis en erf eigendom van de ongetrouwde landbouwer Jan Hakkers en consorten. We vinden het erf gesitueerd in het zgn. ‘Schansche Veld’ in sectie E-394 op legger nr. 162. 

Fragment van oorspronkelijke minuutkaart, anno 1832.

Legger 162/5: Sectie E-394. Huis en erf. 

Op 8 mei 1833 verschenen voor notaris Swam te Gramsbergen de volgende comparanten: Engbert, Jan, Gerrit en Gerrit Jan Hakkers, allen landbouwer van beroep, de eerste wonende in Gramsbergen, de tweede in Ane en de beide laatsten op ’t Rheezerveen. Zij waren zonen van Hendrik en Jannigjen Hakkers. Hendrik was al in 1812 overleden en Jannigjen op 19 juli 1831 op den Loozermarsch. De vier broers legden een verklaring af betreffende de hypotheek die gevestigd was op de katerstede het Hakkers in Loozen. Zij hadden 1.344 guldens geleend van landbouwer Klaas Olthuis te Gramsbergen. Het Hakkers bestond uit een huis, met den daarom gelegen kamp hoog- en laag zaaij-, gaarden- en weideland, leggende in de buurtschap Lozen in den Marsch aldaar, tezamen groot ongeveer een bunder en tweeënveertig Nederlandsche roeden, met de halfscheid van de tot deze katerstede gehoorende waarregt in de gecombineerde markte van Gramsbergen, Lozen en Radewijk, alsmede eene geheele begraafplaats op het kerkhoff te Hardenbergh.

Legger 501/5: Eigendom van Klaas Olthuis, landbouwer te Gramsbergen.

Drie jaar later, op 22 april 1836, verscheen Klaas Olthuis uit Gramsbergen voor notaris Swam. Hij verklaarde de katerstede Hakkers in Loozen voor 1300 gulden te hebben verkocht aan Gerrit Rijstenberg, landbouwer te Holtheme. Het Hakkers bestond op dat moment uit een huis en wheere, met den daarom liggende kamp hoog- en laag zaaij-, gaarden-, groen- en weidelanden in den Loozermarsch, groot ongeveer een bunder en tweeënveertig roeden, bekend onder sectie E numero’s 393 t/m 396, met het hiertoe gehorende kampjen zaaijland, het Esjen genaamd, mede aldaar leggende in zes stukken naast elkanderen, groot ongeveer een bunder en dertig roeden en bekend onder sectie E numero’s 304 t/m 306, met het hiertoe gehorende whaarregt in de gecombineerde marke van Gramsbergen, Loozen en Radewijk, alsmede een begraafplaats op ’t kerkhof te Hardenberg. De katerstede was door de verkoper aangekocht van de erven Hakkers bij een publieke veiling op 26 april 1832.

Vijf dagen later werd de volgende akte verleden door notaris Swam. Daarin verklaarden Gerrit Rijstenbergh, landbouwer te Holtheme, en echtgenote Hendrika Strojans dat zij 1300 gulden hadden geleend van Jennegien Rustenbergh, de weduwe van Derk Santman te stad Hardenberg. Vanzelfsprekend stelden ze hun net verworven katerstede Hakkers als onderpand (akte 678).

Legger 535/5: Eigendom van Gerardus (Gerrit) Rijstenberg en Hendrika Stroijans. Zij waren op 29 april 1824 getrouwd te Gramsbergen. Gerrit Rijstenberg was in november 1797 geboren in Amsterdam.

Op 11 maart 1865 verleed notaris Swam een transportakte op verzoek van Hendrika Stroijans, weduwe van Gerrit Rijstenberg, Johannes Rijstenberg, Berend Jan Rijstenberg en Geertruida Rijstenberg. Zij verklaarden gezamenlijk hun zeven-achtste aandeel in een katerstede in den Lozermarsch voor 2000 gulden te verkopen en over te dragen aan landbouwer Gerrit Jan Rijstenberg (aktenr. 2951).

Legger 1518/5: Eigendom van Gerrit Jan Rijstenberg en Zwaantien Hulter. Zij waren op 27 mei 1865 getrouwd te Gramsbergen. Huisnr. G-9. Huis, erf, met schuur en stookhut. In 1877 bijbouw. Over op:

Fragment van kadastrale hulpkaart, anno 1877.

Legger 1518/25: Nieuwe sectie E-1767. In 1886 bijbouw. Over op:

Fragment van kadastrale hulpkaart, anno 1886.

Legger 1518/32: Nieuwe sectie E-2003. Huis, schuur, stookhut, erf en varkenshok. In 1907 hermeting en vereniging. Over op:

Fragment van kadastrale hulpkaart, anno 1907.

Legger 1518/39: Nieuwe sectie E-2332. Huis, schuren, bouw- en weiland. In 1911 boedelscheiding. Over op:
Legger 3700/12: Eigendom van Gerrit en Johannes Rijstenberg. Het vruchtgebruik lag bij Zwaantje Hulter, weduwe van Gerrit Jan Rijstenberg (zie register van overschrijving hypotheken, deel 552, nr. 51). In 1915 successie. Over op:
Legger 3746/14: Eigendom van Gerrit en Johannes Rijstenberg. In 1918 boedelscheiding. Over op:

Fragment van kadastrale hulpkaart, anno 1918.

Legger 3417/15: Nieuwe sectie E-2666. Eigendom van Gerrit Rijstenberg en echtgenote Jennigje Olsman (zie register van overschrijving hypotheken, deel 618, nr. 142). Zij waren op 11 mei 1906 getrouwd te Heemse. In 1919 herbouw. Over op:
Legger 3417/16: In 1945 verkoop. Over op:
Legger 5126/15: Eigendom van Jan Hendrik Rijstenberg. In 1951 gedeeltelijk vernieuwd. Over op:
Legger 5126/16: In 1954 bijbouw. Over op:
Legger 5126/17: In 1967 bijbouw. Over op:
Legger 5126/18: In 1969 verbouw. Over op:
Legger 5126/19: Huis, schuren, erf, bouw- en weiland. Eigendom van Jan Hendrik Rijstenberg Gzn. en echtgenote Derkje Prenger. In 1974 stichting. Over op:
Legger 5126/20: Twee huizen, schuren, erf, bouw- en weiland. In 1980 opgenomen in de ruilverkaveling.