De Amersfoortsche Courant van 4 december 1863 schreef:
“Men meldt uit Hardenberg: Een hartroerend voorval heeft hier plaats gegrepen dat thans aller tongen in beweging brengt, en waarvan wij hopen dat het diepe indrukken nalate en velen tot eene beslissende keuze leide. De huisvrouw van zekeren S., die eene herberg houdt, is verbrand. Algemeen was het bekend dat gemelde vrouw herhaaldelijk aan het misbruik van sterken drank zich overgaf, en in ’t bijzonder gedurende de laatste dagen daaraan schuldig stond. Ernstige vermaningen, dringende waarschuwingen werden niet alleen in den wind geslagen, maar zelfs openlijk veracht.

’s Namiddags, omstreeks half 2 ure, begaven zich alle huisgenooten aan hunnen gewonen, landelijken arbeid, en bleef zij geheel alleen in hare woning achter, door niemand anders gezien dan door God. Niet veel tijd was verloopen, toen de bewoners van het aangrenzende perceel eene brandlucht gewaar werden, die hen ontstellen deed, en hen aanspoorde hunne eigene woning naauwkeurig te onderzoeken, ten einde te weten of de brand zich soms in hun eigen huis bevond. Niets van dien aard ontdekkende, besloot de vrouw des huizes bij hare buren te gaan; naauwelijks echter was zij de deur binnengetreden, of een akelig schouwspel deed een noodkreet van hare lippen opgaan en haar in bezwijming ten neder vallen. De ongelukkige slavin van den drank lag midden in het woonvertrek, op de steenen; van boven af tot het middel deerlijk verbrand en smeulende. Het hoofd geleek voor drie-vierde een doodshoofd; het bovengedeelte des ligchaams was geheel zwart en het vel overal gebarsten. De oorzaak van haren ellendigen dood was de drank; de omstandigheden zijn niet bekend met bepaalde zekerheid, omdat niemand er getuige van was; de roepstem, die ook van haar tot ons komt, is niet dan eene herhaling van het woord: God laat zich niet bespotten.”

De vrouw om wie het hier ging, was Henderica Meijerink, echtgenote van herbergier Hendrik Schoemaker. Zij stierf op 24 november 1863, op 61-jarige leeftijd, in ‘de Groote Straat’ (Voorstraat) te Stad Hardenberg. Het echtpaar had tien kinderen…

De herberg van Schoemaker lag op de hoek van de Fortuinstraat en het Middenpad (nu Fortuinstraat 4). De volledige geschiedenis van deze locatie vindt u op onze website.