In het jaar 1689 kwam voor het schoutengerecht van Hardenberg een twist aan het licht die menig ingezetene zal hebben beziggehouden. Aeltien Berents, moeder van een kind en zonder middelen van bestaan, klaagde jonkheer Roelof Samuel Schonecamp aan. Hij had haar naar eigen zeggen trouw beloofd, zowel tegenover haarzelf als haar familie, maar liet haar vervolgens in de steek.

Aeltien vroeg de schout om Schonecamp te dwingen zijn beloften na te komen. Schonecamp ontkende echter iedere verplichting. Volgens het landrecht moest Aeltien zekerheid stellen dat zij de proceskosten zou dragen. Omdat zij geen borg kon vinden, legde zij onder ede een verklaring af dat zij er alles aan had gedaan. Het gerecht aanvaardde die plechtige eed.

Toch bleef Schonecamp bij zijn standpunt. Hij stelde dat Aeltien geen enkel bewijs kon leveren en dat hij daarom vrijgesproken diende te worden. Toen Aeltien later, ondanks herhaalde oproepen, niet meer voor de rechtbank verscheen, verklaarde men haar in contumacie. Het vonnis viel daarmee in het voordeel van de jonkheer uit, en Aeltien bleef berooid achter.

Roelof Samuel Schonekamp (1667-1737) zou het jaar erop in Gramsbergen trouwen met Geertruid Jacobs Kamphuis. Met haar kreeg hij, wonend in Holtheme, zeker nog acht kinderen…

Fictieve illustratie

Een transcriptie:
Extract uit het prothocol van contentieuse gerichtshandelingen des Schoutampts Hardenbergh, gehouden by de Scholte Thomas Huete.

Lunae, 27 mey 1689. Righter Thomas Huete.
Nadien Jo(ncker) Schonecamp volgens genoeghsame gegevene ende versprokene trouw so wel oock aen die ouders als vrienden niet komt te achtervolgen maer alleen met beuselingen soukt op te houden en sy klaegerinne Aeltien Berents ondertusschen sonder enige levensmiddelen voor haer nogh haer kindt laet sitten, als wordt hier mede de heer Scholte neffens het Ed. Gerighte onderdanighst versoght en gebeden meergemelte klagerinne hier inne nae de form reghtens op het korste te verhelpen en meergemelte jr. Schonecamp daer toe aen te strenghen om syne genoeghsame gedane beloften met eer en trouwe te voldoen.

Hierop gecompareert Jo(nker) Schonecamp en weet haer klaegersche niet te wille en seght deselve magh haer beste doen ook praetendeert al eer hier inne verders gedaen wordt dat deselve hier voor den edelen gerighte borge magh stellen naer vereysch van ’t landregt. Ten respecte van de borgtoght desen ad 14 dagen uytgesteld.


Lunae 10 juny 1689.
Erschenen in desen Ed(ele) Gerighte pr(ocureur) Jan Hoeftman als lasthebbende van j(onkhee)r Roeloff Samuel Schonecamp, seggende heden termyn te syn dat Aeltjen Berents op haar gedaene aensprake volgens decreet heden 14 dagen soude hebben borge te stellen voor de kosten van ’t process en het gewysde te sullen voldoen so versoght comp(arant) qqa dat meergemelte Aeltjen Berents moge worden aangeëyscht en by faute van non comparitie contumacie ten profyte als nae Landr(egte).

Hierop gecomp(areert) Aeltjen Berents en praesenteert juratoire cautie te doen versoekende met sodane te mogen volstaen konnen nae Landr(egte). Pr(ocureur) Hoeftman versoekt hiervan copy, gelyk mede van d’aenspraeke en tyd ad drie weeken. ’t Welk geaccordeert.


Lunae, 1 july 1689.
Erschenen enz.
Eodem Iidem.
Erschenen j(onkhee)r Roeloff Samuel Schonecamp, zeggende dat het heden termyn zynde op welke Aeltjen Berents cautie nae lant(rechte) als zynde een uitheemsche zoude moeten stellen, hij comp(arant) wel bevoeght zoude zyn om daar op te blyven insisteren; doch alsoo zy Aeltjen Berents aangenomen heeft juratoire te cavere, en hij comp(aran)t zo ras doenlyk van deze saeke een eynde zoukt te maken, zal hy zigh daar mede vernoegen, en staat dan daar op te wachten, dat de aanleggersche met eede verklaare, dat sy haer beste gedaan heeft om een borge te becomen doch geen heeft konnen vinden, en dan voorts, dat sy in de kosten gecondemneert wordende, die sal voldoen en voorts het gewysde van desen ed(elen) gerighte nakomen en met geen ander reght te sullen spreeken zo als dit Lantreghtens is, by verweygeringe contenderende tot kost en schadelose absolutie.

Hierop gecomp(areer)t Aeltjen Berents en heeft by hanttastinge in eedes plaetze het geposeerde in desen aangenomen.

Dese juratoire cautie gepraesteert zynde heeft de ged. jr. Schonecamp vorders tot antwoord voor gedraegen dat hy de positie van de aanleggersche by haer aanspraeke gedaen en waer op haar eysch gefundeert zoude zyn ter goeder trouwen ontkend en vermits d’aanleggersche dan niet het minste is bewysende, en het bekenden reghtens is, quod actore non probante reus absolvatur, soo contendeerde comp(aran)t tot kosten en schadeloose absolutie.

Hierop gecomp(areer)t Aeltjen Berents, versoekt copy deses en tyt tot d’eerste regtdagh na den bouw. Quod conceditur.


Lunae, 2 sept. 1869.
Erschenen dr. Nuis in qualiteit als volm(agtige)r van j(onkhee)r Schonecamp seggende dat het heden termyn is op welke Aeltjen Berents moeste hebben te dienen van replycq tegens sodanigh andtwoord als op den 1 july tegens deselve ten prothocolle gestelt is, waarom comp(aran)t qqa versoghte dat deselve moghte worden aengeëyscht, en by non comparitie, en ingevolghe Langreghte van verder schryven versteken verklaert moge worden.

Aeltjen Berents 1, 2, 3 maal aangeëyscht en niet gecompareert zynde, is dezelve nae Lantregt gecontumaceert en den comp(aran)t daar en boven het versoghte in desen geaccordeert.